Rwanda
Hoofdstad: Kigali
Oppervlakte: 26.338 km²
Inwonertal: 10.473.282
Bevolking: 84% is Hutu, 15% Tutsi en 1% Twa
Godsdienst: 56% van de bevolking katholiek, 12% protestants en 9% moslim. 25% Van de bevolking hangt het animisme (natuurgodsdiensten) aan.
Staatshoofd: President Paul Kagame
Klimaat: Gematigd tropisch klimaat
Valuta: Rwandese Franc (1 euro = ong. 850 frw)
Leefomstandigheden
Herinnert u zich de Rwandese genocide? Deze vond plaats in 1994. In zeer korte tijd kwamen naar schatting 1 miljoen mensen om het leven. De ingrijpende gevolgen van de genocide zijn nog altijd merkbaar. Ruim tien jaar na deze gruwelijke volkerenmoord, heerst er veel wantrouwen. De mensen zijn bang voor nieuwe uitbarstingen van geweld. Met de leefomstandigheden in Rwanda is het zorgelijk gesteld. Hoewel er positieve ontwikkelingen zijn, zoals de afname van malaria en kindersterfte, leeft een groot deel van de plattelandsbevolking onder de armoedegrens.
Land van mogelijkheden
In het westen van Rwanda leeft 90% van de bevolking van de landbouw. Helaas ontbreekt het veel boeren aan kennis van duurzaam grondgebruik. Ontbossing van de hellingen, overvloedige regenval en het niet op peil houden van de bodemvruchtbaarheid, zijn nu al decennia lang oorzaken van sterk verminderde opbrengsten.Dat is jammer, want Rwanda heeft een klimaat dat voor de plantaardige en dierlijke productie uitermate gunstig is. Doelgerichte landbouwvoorlichting en functionele training van boerinnen en boeren kunnen een enorme stap voorwaarts betekenen.
In lijn met overheidsbeleid

Het trainingsproject van de Rwandese diaconessen sluit aan bij de doelstelling van de regering van Rwanda om het aantal geschoolde boeren te laten toenemen van 1,5% tot 30%. De diaconessen handelen eveneens in de lijn van de overheid door de boeren te stimuleren samen te werken. De zusters helpen de boeren bij het oprichten van coöperatieve verenigingen. Hierdoor zal de economische zelfstandigheid van de boeren toenemen. Uiteindelijk kunnen de boeren voor zichzelf en hun familie zorgen. En doordat hun kinderen naar school kunnen, zal er in de toekomst meer ruimte zijn voor niet-agrarische activiteiten.