Pakistan
Hoofdstad: Islamabad
Oppervlakte: 796.095 km² (bijna 24 keer Nederland)
Inwonertal: 176.242.949
Regeringsvorm: Islamitische republiek
Godsdienst: Islam (95%), hindoeïsme, christendom, sikhisme en boeddhisme
Officiële taal: Urdu
Klimaat: Gevarieerd, met sneeuw- en hooggebergte in het noorden, woestijnklimaat in het zuiden en steppeklimaat daartussenin
Valuta: Pakistaanse rupee (PKR)
Jarenlang was het Zuid-Aziatische Pakistan een deel van het hindoeïstische India. Op 14 augustus
1947 werd de staat Pakistan gesticht, omwille van de Indiase
moslims. In
1956 werd het een zelfstandige republiek. De korte, onrustige politieke geschiedenis van Pakistan wordt gekenmerkt door staatsgrepen, aanslagen en corruptie. Op 6 september 2008 volgde de huidige president Asif Ali Zardari zijn voorganger Pervez Musharraf op.
Moslims en minderheden
Met 176 miljoen inwoners staat Pakistan zesde op de
lijst van landen naar inwonertal. 167 miljoen van hen zijn moslim. ‘Pakistan’ betekent Land der reinen, een verwijzing naar de islamitische bevolking. De vlag van Pakistan is voor het grootste deel groen, met een witte baan aan de linkerkant en een witte ster en sikkel. Het groene vlak symboliseert de moslims, de witte baan de niet-moslimminderheden. De minderheden hebben niet alleen een plek in de vlag, maar ook in de grondwet: godsdienstvrijheid is er wettelijk bepaald. Toch is Pakistan een islamitische republiek met islamitische wetgeving, de
sharia. De religie van Pakistanen wordt in hun paspoort vermeld.
Christenen in Pakistan
De drie miljoen christenen in Pakistan zijn in de minderheid. Ongeveer de helft van hen is rooms-katholiek, de andere helft protestants. Een belangrijk deel van de protestantse christenen is lid van de Kerk van Pakistan, een mix van anglicanen, methodisten en presbyterianen. De meeste christenen leven in de onderste lagen van de samenleving en zijn erg arm.
Religieuze minderheden hebben het niet makkelijk in Pakistan. De meeste christenen ervaren gelukkig weinig maatschappelijke problemen om hun geloof. Ze kunnen meedoen in de samenleving en worden volwaardig geaccepteerd. Maar dat is niet vanzelfsprekend. Sommige christenen worden gediscrimineerd, bijvoorbeeld bij sollicitatie naar een nieuwe baan of opleiding. Christelijke organisaties hangen geen naambordje naast hun deur, uit voorzorg. Want christenen zijn, net als andere religieuze minderheden, regelmatig het doelwit van terroristische aanslagen. Vooral christenen met een moslimachtergrond hebben het moeilijk: hun familie accepteert hun bekering meestal niet. Traditie en familietrouw zijn belangrijke waarden en regelmatig reden voor eerwraak.