Sluit dit venster

Kerken bestrijden sociale uitsluiting

5 oktober 2011

Onderzoek Faith-bases organisations and exclusion in European Cities

Dienstverlenende organisaties en gemeenschappen met een levensbeschouwelijke achtergrond vervullen een aanvullende rol in het bestrijden van sociale uitsluiting in Nederland. Ze zetten zich in voor armoedebestrijding, opvang en re-integratie van kwetsbare burgers, bieden (informele) zorg, bevorderen ontmoeting en contact in buurten en stimuleren deelname aan de samenleving. En ze signaleren de gaten in de officiële vangnetten.

Dat blijkt uit het in september verschenen rapport Faith-based organisations and social exclusion in the Netherlands van het Verwey-Jonker Instituut en de Rijksuniversiteit Groningen.



Onderzoek naar bestrijding sociale uitsluiting in Amsterdam, Rotterdam en Tilburg
Het onderzoeksrapport bevat de resultaten van het Nederlandse deelonderzoek binnen het Europese project FACIT- 'Faith-based organisations and social exclusion in European cities'. Het onderzoek gebeurde in opdracht van de Europese Commissie en is uitgevoerd in zeven landen: België, Duitsland, Nederland, Spanje, Turkije, Verenigd Koninkrijk en Zweden. Het Nederlandse onderzoek gaat in op de rol van levensbeschouwelijk geïnspireerde initiatieven (met een christelijke, islamitische of joodse achtergrond) op landelijk niveau en in de steden Amsterdam, Rotterdam en Tilburg. Er vonden interviews plaats met 84 organisaties.

Vangnetten
In lokaal anti-armoede- en participatiebeleid spelen deze organisaties een in omvang beperkte, maar specifieke rol: in opdracht van de overheid, maar meestal op eigen initiatief als overheden zelf bepaalde activiteiten niet kunnen, mogen of willen ontplooien. De meeste organisaties werken samen met algemene, neutrale organisaties en overheden. Ze zien hun bijdrage als aanvullend op de overheidsvoorzieningen, vooral ook in het signaleren van gaten in de officiële vangnetten (hulp onder protest). 

Groei in verscheidenheid en samenwerking
De verscheidenheid in organisaties op dit terrein is gegroeid: naast de vaak al lang actieve, (lokale) organisaties van de grotere christelijke kerken (en bijvoorbeeld het Leger des Heils) zijn in toenemende mate groepen met een evangelische inslag, christelijke migrantengemeenschappen en islamitische organisaties actief. De publicatie besteedt ook aandacht aan (zelfgekozen) blokkades voor samenwerking. Verder wordt stilgestaan bij de verschillende manieren waarop de faith factor kan doorwerken in maatschappelijke activiteiten.

Meer contact met overheid, subsidiëring beperkt
Het contact tussen overheden en religieuze gemeenschappen rondom armoede, uitsluiting en integratie is over de laatste 5 tot 10 jaar gegroeid in de onderzochte steden. Gemeenten kunnen subsidies verlenen als de maatschappelijke projecten van levensbeschouwelijke organisaties bijdragen aan overheidsdoelen. Maar behalve op het terrein van opvang (dak- en thuislozen, ex-gedetineerden, risicojongeren) en het stimuleren van vrijwillige inzet, zijn die subsidies meestal absoluut en relatief gezien heel beperkt van omvang.

Langdurig actief, laagdrempelig en solidair
In al hun diversiteit maken levensbeschouwelijk geïnspireerde initiatieven, ondanks de voortschrijdende ontkerkelijking een belangrijk bestanddeel uit van de maatschappij. Zij worden gewaardeerd vanwege hun lange adem en vasthoudende betrokkenheid bij uitgesloten groepen in de samenleving. In de lokale samenleving zijn levensbeschouwelijke organisaties sterk in het bieden van (informele) laagdrempelige ondersteuning en in het aanspreken van de eigen kracht van mensen. Deze initiatieven weten vaak werelden te overbruggen: tussen maatschappelijk geslaagden en ploeteraars in de marge, tussen cliënten en vrijwilligers, tussen gemeenschappen en de overheid.

Lees het rapport (Engelstalig).
Bron: Verwey-Jonker Instituut