Elise Kant ging van 14 t/m 30 juli 2010 naar Uganda en Kenia. Dit heeft zij voor de laatste keer gedaan als relatiebeheerder voor de buitenlandafdeling van ICCO en Kerk in Actie. Zij heeft haar werk overgedragen aan Steve Ndikumwenayo.
Kindoffer
29 juli 2010
Hoi allemaal,
De moeder kijkt ons niet aan. De vader kijkt naar beneden. Je kunt het verdriet aanraken en de angst voelen. Wat kun je anders dan vragen stellen? Op dit soort momenten is de machteloosheid bijna te tastbaar.
“Het was in augustus 2009 om 18.00 uur 's avonds. Ik was even naar de markt en liet mijn zoon van bijna 4 jaar hout voor het vuur aandragen. Toen ik terug kwam was hij weg. Ik ging op zoek naar de andere echtgenote van mijn man (de zogenoemde 'co-wife'), maar zij had hem ook niet gezien. We konden hem nergens vinden. We gingen naar de LC1 (de lokale bestuurder) en verwachtten dat hij de volgende ochtend actie zou ondernemen, maar hij deed niks. Al gauw bleek waarom: hij is de vader van de belangrijkste verdachte. Een paar dagen later werd onze zoon gevonden. Hij was dood en onderdelen (genitaliën) van zijn lichaam waren afgesneden. Hij was vermoord door witchdocters. Een kindoffer.”
Erger dan een nachtmerrie. Eerder op de dag had ik al foto’s gezien van het dode kindje. Te walgelijk om te beschrijven en het vriendelijke aanbod om mij de foto te mailen sla ik gedecideerd af.
Ik kijk naar de moeder en probeer me voor te stellen hoe dat voelt. Maar dat gevoel is te groot.
En dan is het verhaal nog niet eens uit. De schoonvader, de vertegenwoordiger van FAPAD en de moeder vullen elkaar aan. De verdachte werd buiten schot gehouden door de LC1, maar is uiteindelijk toch gearresteerd, dankzij de hulp van FAPAD. Maar inmiddels is hij vrij wegens gebrek aan bewijs (en waarschijnlijk vooral dank zij zijn vader) en probeert FAPAD de zaak langs legale weg toch verder te brengen. Maar in het ingewikkelde rechtssysteem, een combinatie van gewoonterecht en het ons bekende recht, in Uganda is dat een hele klus. De dochter van de verdachte heeft de moeder dermate bedreigd dat ze twee maanden weg van huis is geweest, omdat ze te bang was om thuis te blijven. Haar tweede kind verliest ze geen moment uit het oog.
Steve en ik stappen ontdaan bij chauffeur Steve in de auto. Ik heb al zoveel vreselijke verhalen gehoord, maar dit is helemaal alle grenzen voorbij. Veel tijd om erover na te denken, hebben we niet.
De chauffeur Steve kijkt me verdrietig aan: “Mijn broer is gestorven“. In de afgelopen dagen heeft hij verteld over zijn broer die aids heeft maar moeite heeft met de medicijnen innemen, hij verzette zich er tegen. Belandde een paar dagen geleden in het ziekenhuis en nu is hij dood.
”Maar ik breng jullie nu eerst naar Kitgum”. Hoe ik ook protesteer en probeer hem over te halen ons af te zetten in Lira en dan zien we wel hoe we er komen, er is geen sprake van. Onderweg praten we over zijn broer, zijn beste vriend en vader van 6 kinderen. Die komen nu allemaal onder Steve’s verantwoordelijkheid en hij heeft er zelf al 7.
De kwetsbaarheid van het bestaan komt heel dichtbij. Ik vraag me af: is dat het waarom op zo'n feest als gisteren mensen dansen alsof hun leven er vanaf hangt? Dat besef van fragiliteit: maak er nu wat moois van. Het is slingeren van de ene naar de andere emotie. Het onverwachte feest met versiering, speeches, cadeau, en een gedicht en heel veel dansen, naast dit grote verdriet in twee families.
Pas 's avonds laat arriveren we in Kitgum, met razende trek, want de lunch hadden we al overgeslagen.
“Ai, ai, de keuken is al dicht”, zegt het aardige meisje van het hotel, “maar ik zal kijken wat ik kan doen”. Zo zitten we een half uur later aan de lauwe patat die proeft als een driesterren maaltijd. We vallen erop aan en praten intussen over de leuke en minder leuke kanten van deze baan. Steve, de nieuwe regiocoördinator voor Centraal- en Oost-Afrika, heeft er zin in. Dat is duidelijk. En terecht. Want vanmiddag hebben we gezien wat FAPAD allemaal doet op het gebied van mensen helpen hun recht te verkrijgen. Dat is eenvoudigweg prachtig.
FAPAD probeert in de dorpen in Lango het oude rechtssysteem van mediation te herstellen en op die manier veel conflicten, met name over land, op te lossen. Het gaat vaak om erfeniskwesties. Zo horen we het schrijnende verhaal van een jongen van 16 wiens vader en moeder zijn overleden en wiens land is ingepikt door zijn oom. FAPAD helpt hem om het land, waar hij gewoon recht op heeft, terug te krijgen.
Maar het gaat ook om strafzaken. Alleen dan wordt er onmiddellijk samengewerkt met de politie en de rechtbank. Probleem blijft dat het rechtssysteem nog niet goed werkt en enorm bureaucratisch is. Gelukkig horen we vele verhalen van mensen wiens zaak is behandeld en opgelost.
Inclusief een mevrouw die vertelt dat toen zij en haar man maar geen kinderen konden krijgen de man er een vrouw bijnam en haar ging verwaarlozen. Zij stapte toen naar de lokale FAPAD-mediator, de zogenaande peace promotor. Hij heeft ervoor gezorgd dat hij nu weer wel voor haar zorgt. Nu is ze weer gelukkig.
"Heb je nu een kind", vraagt Joy van FAPAD?
"Ja!", zegt ze stralend.
"Is die co-wife er nog?", vraag ik.
Het hele dorp schiet in de lach.
"Ja!", zegt de vrouw wederom vrolijk en lacht het hardst van allemaal.
Zo zijn er meer voorbeelden, maar FAPAD doet ook veel tegen seksueel geweld hier. Een mooi voorbeeld is dat ze op scholen brievenbussen ophangen waarin kinderen anoniem hun klachten kunnen deponeren die dan door een onafhankelijke commissie worden bekeken. In gebieden waarin het misbruik door leraren misselijkmakend is, is dit de manier om deze zaken boven tafel te krijgen.
Werken in Noord-Uganda is met je voeten de in de onverbiddelijke wrede werkelijkheid staan, in een gebied dat opleeft na de oorlog, maar waar de rechten van mensen zo fragiel zijn.
Morgen op bezoek bij ANPPCAN en Kiwepi hier in Kitgum, maar nu eerst: slapen!
Elise