Elise Kant ging van 14 t/m 30 juli 2010 naar Uganda en Kenia. Dit heeft zij voor de laatste keer gedaan als relatiebeheerder voor de buitenlandafdeling van ICCO en Kerk in Actie. Zij heeft haar werk overgedragen aan Steve Ndikumwenayo.
Niet alleen de hardware, maar ook de software
29 juli 2010
Hoi allemaal,
“Ik was een van de Aboke girls. Op 9 oktober 1996 lagen we te slapen in de slaapzaal toen alle ruiten werden ingeslagen en er lampen naar binnen schenen. We moesten de deur wel open doen, anders hadden ze ons doodgeschoten of alles in brand gestoken. We werden aan elkaar gebonden met een touw. Ik was bang want het touw was te kort en we hadden gehoord dat als het touw te kort was de rest zou worden vermoord, maar we werden met allerlei andere dingen aan elkaar gebonden.
Na een week was er een bombardement en toen gingen we allemaal schuilen. Ik kroop onder een struik en hield me verborgen en bad en toen gingen ze weer verder. Ze zochten me wel, maar konden me niet vinden. Daarna ben ik terug gelopen naar school. Een vriendin wilde ook ontsnappen, maar durfde niet. Ze is pas vorig jaar teruggekomen. Sarah Atim vertelt haar levensverhaal “Ik was getrouwd, maar mijn man ging me steeds vaker slaan. Ik wilde dat niet meer, maar wist niet wat te doen. Omdat ik coördinator ben voor de Mothers Union voor Noord-Uganda ben ik getraind door ISIS WICCE in trauma counseling. Daar moest iedereen zijn eigen verhaal vertellen. Nadat ik mijn verhaal had gedeeld, wist ik wat me te doen stond en ben ik gescheiden. Wat belangrijk was voor mij om te ontdekken is dat ik niet de enige was. Dat helpt!”
Met rechte rug vertelt Sarah hoe zij door haar eigen ervaringen nu andere vrouwen helpt. Ze heeft visie. Coördinator zijn voor het noorden is niet eenvoudig. Het wantrouwen is groot en een gevoel van eenheid is normaal gesproken moeilijk te vinden. Zelfs het feit dat zij Lango (de taal van de Lango-stam) spreekt en geen orgineel Acholi (de taal van 'Acholiland', ook wel de Acholi-subregio) bemoeilijkte haar werk, maar gelukkig is er nu een Acholi-vrijwilliger. Het toont de flexibiliteit en vastberadenheid aan van deze vrouw die een goed betaalde baan opzei om voor de Mothers te gaan werken, omdat hun problemen, die van vrouwen die de armsten van de armsten zijn, haar raakten en zij dingen kon delen om anderen te helpen.
“Hoe houd je contact met al die groepen in een toch nog steeds enorm gebied?”
“Oh ik ga op de motor iedere zondag naar een andere kerk en ontmoet daar de Mothers, en ik rijd zelf! Dat is de beste manier om contact te houden. Via internet gaat niet, in de dorpen is geen elektriciteit. Zelfs niet in alle kerkgebouwen.”
Geweld tegen vrouwen is in deze Lango-regio een enorm probleem. De meeste verhalen beginnen met: "Ik vroeg hem waarom hij zo laat thuis kwam en toen sloeg hij me in elkaar”.
“Wat is dat toch", vraag ik, "meteen gaan meppen bij een simpele vraag? Gaat dat nou echt om dat late thuiskomen?"
"Nee! Het gaat erom dat vrouwen gewoon geen kritische vragen aan hun mannen mogen stellen volgens onze traditie. En dan hebben ze gedronken en worden ze gewelddadig." De coördinator van het programma tegen seksueel en gender based-geweld wordt opeens fel. Tot nu heeft ze niet veel gezegd, maar nu komt ze helemaal los. "Hier zijn zoveel voorbeelden van", zegt ze. “Nu gaan alle organisaties die in Lango zaten naar Karamoja, want daar is geld voor. We zijn nog maar met vijf organisaties die hier iets aan proberen te doen en de problemen zijn zo groot. Want het gaat niet alleen om fysiek geweld, het gaat ook om psychisch geweld en dat wordt steeds erger, terwijl het fysieke geweld iets afneemt.”
De scheidslijn tussen beide blijkt dun als ze het volgende voorbeeld geeft: “Een man en een vrouw hadden 7 kinderen tussen de 6 en de 18 jaar. Ze sliepen allemaal in een hut. Als de man zin had commandeerde hij zijn vrouw ten overstaan van alle kinderen naar buiten en hadden ze seks in de bush. De vrouw voelde zich ontzettend vernederd en wist niet wat ze ertegen moest doen. Ja, een extra hut bouwen, maar daar had ze de moed niet voor. Op het moment dat wij van die zaak hoorden, hebben we met hen gepraat en nu is de vrouw lid van een spaargroep en heeft ze een klein bedrijf. Samen met haar man heeft ze een extra hut gebouwd en de man die veel te veel dronk, is lid van een AA- groep geworden.” Het valt me weer op hoe vrij en open over seks wordt gepraat, terwijl vaak wordt beweerd dat dat niet zo is.
“Weet je, het grote probleem hier is dat veel mensen op besluitvormende posities dit niet willen zien. Ze zijn geïnteresseerd in de hardware: wegen, school gebouwen, maar niet in dit soort dingen, de software. Het is dezelfde klacht als die van Ruth. “Een lokale leider zei zelfs: hou toch op met deze onzin rondom mensenrechten. Ga liever wegen aanleggen!” Dit is precies de kern van UNSCR 1325: de aandacht voor de software, mensenrechten voor vrouwen en het tegengaan van geweld tegen hen.
Een veelbewogen dag eindigt met een complete verrassing. Wat Eunice een little something noemt, blijkt een enorm feest. Maar daarover morgen meer.
Elise