Zending in de 21e eeuw, is niet meer wat het geweest is. Om dat te ervaren organiseerde de afdeling Zending van Kerk in Actie verschillende inspiratiereizen. De eerste inspiratiereis naar Indonesië vond plaats van 21 juli t/m 7 augustus 2010. Renate Barendregt, projectmedewerkster bij Kerk in Actie, reisde mee en volgde de deelnemers. In het bijzonder volgde zij Geert Fransen die deze reis naar aanleiding van de 40dagentijdactie van 2009 aangeboden heeft gekregen.
Op de plantage
3 augustus 2010
Als je eens een boek van Hella Haasse hebt gelezen, heb je je vast wel eens voorgesteld hoe het leven op een plantage zou zijn. Gisteren (maandag) hebben wij een fantastisch mooi bezoek gebracht aan een rubber-, koffie- en kruidnagelplantage, ookwel "onderneming"genoemd.
Want naast de inspiratie die we hier zoeken over het geloof, worden we juist ook geconfronteerd met de levensstijl van de mensen, de kracht om in dit land rond te komen van een laag salaris en de inzet van het harde werken.
En hard werken... dat kunnen ze op de plantage.
De plantage, of onderneming waar we zijn, verbouwt drie producten: rubber, koffie en kruidnagel. Alle drie de processen zijn ongelooflijk gedetaileerd te zien en overal is noeste arbeid voor nodig. Maar wat mij het meeste trof was de productie van rubber.
Als we net op de plantage staan, zien we een man aan komen lopen. Op één van zijn schouders draagt hij een stok met twee emmers. Daarin zit maar liefst 35 liter vloeibare rubber. Maar dan komt het, deze man heeft al minstens anderhalve kilometer met dit gewicht gelopen. In snelle pas loopt de man naar een hal waar het rubber in een vat wordt gegoten. Er staat een soort omroeper bij die bij elke emmer de hoeveelheid rubber opmeet. Het is een geschreeuw en gelach van jewelste. Kortom, de mensen hebben wel heel veel plezier in hun werk.
Als het rubber is afgegoten, gaat de man weer terug naar het stuk land waar hij werkt. Daar staan 300 tot 350 rubberbomen die hij moet 'melken'. Het proces in de fabriek gaat door. De rubbermelk word naar een andere bak verplaats, waar water en een chemisch goedje worden toegevoegd. Dan worden schotten geplaatst. Want na 3 uur is de rubber hard en op deze manier zijn er dan dikke matten uit het vat te halen. Die vervolgens uitgeperst worden en via een rookproces tot halffabrikaat worden gemaakt. Om vervolgens in een fabriek in Jakarta verwerkt te worden.
Bij het roken van de rubbermatten komen we nog een bijzonder verhaal tegen. Ik stap een donkere kamer binnen, waar ik niet rechtop kan staan, het is er rokerig. Het blijkt een van de ovens te zijn. Dan is rechts van me een man die op bamboestokken gehurkt zit. Hij vouwt de rubbermatten uit en legt deze over de bamboestokken zodat ze gerookt kunnen worden. Een proces van vijf dagen. De man doet dit, jawel, al 17 jaar! Tegen Josien Folbert zegt hij: "Ik doe het werk met heel veel plezier."
Dat is een geruststelling.
Werken is hier in Indonesië van levensbelang om inkomsten te krijgen, maar het is ook van sociaal levensbelang. Het onderlinge contact met collega's is ook iets wat mensen gaande houdt.