Hans Kapteijn en Wim Minnaard zijn van 24 november 2011 tot en met februari 2012 door de Wereldraad van kerken ingeschakeld als vrijwilliger in het Ecumenical Accompanier Program in Palestine and Israel (EAPPI). De oecumenische begeleiders van EAPPI werken in kleine internationale teams op verschillende lokaties en zijn verbonden met de plaatselijke Palestijnse of Israëlische gemeenschappen of organisaties, waaraan ze door hun aanwezigheid bescherming kunnen bieden.
Voorbereiding en uitzending worden gefinancierd door Kerk in Actie. In hun weblogs geven Hans en Wim hun persoonlijke opinie weer. Mocht u er iets van willen overnemen, verzoeken wij u te overleggen met de afdeling communicatie van de EAPPI of Kerk in Actie.
Volg Wim op zijn eigen weblog: www.minnaardbijeappi.nl.
Abonneer mij op deze weblog
Meer info over het project:
Uitzending oecumenische begeleiders
Water in Palestijns gebied
18 februari 2012
Als er iets belangrijk is in de Palestijnse gebieden dan is het wel water. De vaak rotsachtige grond is wel vruchtbaar, maar dan is water onmisbaar om echt vruchten van die grond te kunnen plukken.
Op een avond zijn we te gast bij Abu Azzam en dan is ook zijn schoonzoon Abdul-Latif Khalid aanwezig. Hij is projectmanager bij de Palestijnse Hydrology Group en vertelt ons het verhaal van het water en vooral ook de problemen die de Israëlische bezetting daarbij al jaren veroorzaakt.
Al op 15 augustus 1967, kort na de Zesdaagse Oorlog (Juni 1967) heeft het Israëlische leger order Nr. 92 uitgevaardigd. In die order is bepaald dat het leger het beheer van alle water in de Palestijnse gebieden heeft en dat het van de plaatselijke en regionale Palestijnse overheden wordt afgenomen.
Met order 158 (19 november 1967) wordt het Palestijnen verboden om nieuwe waterinstallaties te bouwen zonder toestemming van het Israëlische leger. Tot nu is gebleken dat die toestemming maar in zeer beperkte mate wordt gegeven. Erger nog: bij de bronnen van de Jordaan zijn meer dan 140 Palestijnse waterinstallaties door het Israëlische leger gesloten en het is de Palestijnen verboden om die bronnen te gebruiken. Bovendien zijn bepaalde Palestijnse bronnen onteigend en door Israël tot 'Natuurgebied' verklaard – alleen toegankelijk voor burgers van Israël. Daarnaast is land bij de Jordaan onteigend en tot gesloten militair gebied verklaard. Daarmee worden boeren en herders van hun land en het water afgesloten zonder enige vergoeding of compensatie.
Met order 291 (19 december 1968) verklaart Israël al het Palestijns water tot staatseigendom. Ook vrijwaart het nederzettingen van alle bestaande en toekomstige geschillen over water. Dit betekent praktisch dat Palestijnen in deze zaken rechteloos gemaakt worden en kolonisten vrij spel hebben.
In de loop der jaren worden ook waterquota voor Palestijnen ingevoerd, quota die niet genoeg zijn voor het bevloeien van hun land met vruchtbomen. Dat leidt weer tot minder opbrengsten en zo verarmt gaandeweg dat deel van de Palestijnse bevolking dat hiervan afhankelijk is. Mede door de Eerste en de Tweede Intifada is Israël steeds stringentere maatregelen gaan nemen. In die periode zijn stelselmatig Palestijnse waterinstallaties vernietigd, zijn de waterquota verder verlaagd en zijn boeren door een groot aantal roadblocks en checkpoints verder beperkt in mogelijkheden hun land te bereiken. Dat levert dan het risico op dat hun land wordt onteigend, want als het drie jaar niet wordt bewerkt wordt het door Israël onteigend 'zonder enige vergoeding of compensatie'.
Alle bovenstaande maatregelen van Israël dan wel van het Israëlische leger zijn in strijd met internationaal recht en met mensenrechten. Zonder elke maatregel afzonderlijk te bespreken onderstaand een paar voorbeelden van deze schendingen:
het is een bezettend land niet toegestaan de wetgeving van een ander land te veranderen ten gunste van het bezettende land; dat doet Israël wel door de verschillende water-maatregelen;
het is een bezettend land alleen toegestaan water van het bezette land te gebruiken voor militaire doeleinden en dan nog maar in de mate die het leger eerder nodig had; leger en nederzettingen gebruiken per persoon per dag ca. 6 x zoveel water als Palestijnen mogen;
het is een bezettend land niet toegestaan om onderscheid te maken tussen bewoners van het bezette land; Israël kent kolonisten rechten en mogelijkheden toe en Palestijnen niet.
Er is aan 'het water' nog een aspect dat aandacht verdient.
Het waterbeheer in de Palestijnse gebieden is door Israël in handen gegeven van Mekorot Water Company. Dit is een overheidsbedrijf en wordt geacht winst te maken. Dat betekent dat de kosten voor rekening komen van de Palestijnen in de vorm van hogere prijzen voor het geleverde water.
Samengevat zijn de gevolgen voor de Palestijnse bevolking:
ongeveer 30% van de Palestijnse gemeenschappen (ca. 220.00 inwoners) is niet aangesloten op een waterleidingsysteem; bovendien ontvangen de wel aangesloten gemeenschappen steeds minder water van Mekorot. Hierdoor zijn vooral in de zomer mensen aangewezen op eigen voorzieningen, zoals het opvangen van regenwater en het elders kopen van water tegen aanzienlijk hogere prijzen – met als gevolg een verdere verarming van de bevolking;
er is een groot verschil in waterverbruik tussen Israël en de Palestijnse gebieden; gemiddeld verbruikt Israël per persoon per dag ca. 280 liter tegenover ca. 60 liter in Palestijns gebied;
de prijs van water hangt sterk af van de 'leverancier': Mekorot vraagt het dubbele van Palestijnen dan van Israëli's. Als mensen water moeten kopen van andere leveranciers kan dat in tijden van schaarste oplopen tot zes maal die prijs – en dat voor een bevolking waarvan meer dan de helft onder de armoedegrens leeft en ruim 20% geen werk heeft!
de afgedwongen beperking van het waterverbruik verslechtert de gezondheidssituatie van de bevolking; soms is alleen vervuild water beschikbaar waardoor nog meer mensen ziek worden – en dat gevoegd bij de beperkte bereikbaarheid van medische voorzieningen!
de waterleiding in Palestijns gebied is van slechte kwaliteit: naar schatting gaat 40% van het water verloren door lekkages; bovendien levert Mekorot in de zomermaanden ca. 20% minder water, want Israël en de nederzettingen hebben in die periode meer water nodig.
de Muur is zodanig gebouwd dat veel Palestijns water niet meer bereikbaar is voor de eigen bevolking; bovendien is bij de bouw van die Muur ook veel vernield op watergebied.
In een eerder weblog vertelde ik het verhaal van de Palestijnse boer die al sinds de bouw van de Muur niet meer naar zijn eigen land aan de andere kant van die Muur mag. Ik sloot dat verhaal als volgt af: “Kan ik leven zonder water? Kan ik eten zonder land? En welke toekomst hebben mijn kinderen in dit land? Ik ben nu vijftig jaar en al mijn leven lang leef ik in een bezet land. De hele wereld weet dat de bezetting groot onrecht is, maar doen ze er wat aan?! Niets! Alleen maar praten en daardoor verandert er niets!“
Wij hebben geen antwoorden....
Nu we bijna aan het einde zijn van onze drie maanden in de Palestijnse gebieden hebben we nog altijd geen antwoorden. Het enige wat wij kunnen doen is het vertellen van wat we gezien, gehoord en ervaren hebben, 'want wij zijn de ogen en de oren van de Palestijnen'. Door dat steeds opnieuw vertellen hopen we mensen aan te zetten tot een beweging die leidt tot het einde van de bezetting van de Palestijnse gebieden door Israël en tot een rechtvaardige vrede in dit gebied.
Reacties (2)
18 februari 2012 om 12:35 | Door: Niek de WolfDag Hans,Ik heb steeds met veel interesse je verslagen gelezen. Ik wens je een goede thuisreis en ik kom zeker naar de avond in de Scheppingskerk waar jij en Daoud Nasser zullen vertellen van de ervaringen.Tot ziens!
18 februari 2012 om 14:56 | Door: Henriëtte Zwaan-GroothuisHans, We hoorden dat Daoud Nasser niet kan komen. Het geeft je ook dat gevoel van lege handen, niets tegen het onrecht kunnen doen. Waar zijn ze in Israël mee bezig? Hebben ze echt iets van de Tweede Wereldoorlog geleerd? Er is denk ik maar één antwoord mogelijk:"Overwin het kwade door het goede". Dat staat boven het aanplakbiljet van Daoud Nasser.Dat is een bijbelse les,die ook ik(wij)van hem leren moeten. Ik wens je veel goeds toe deze laatste dagen en alvast een hartelijk welkom terug. Henriëtte