Sluit dit venster

Werkende kinderen


Werkende kinderen. Foto: Eric Miller.Wat is kinderarbeid?
Oorzaken van kinderarbeid
Verschillende vormen van kinderarbeid
Ergste vormen van kinderarbeid
Kinderarbeid in het Zuiden
Gevolgen van kinderarbeid
Oplossingen

Wat is kinderarbeid?
We spreken over kinderarbeid wanneer kinderen moeten werken om een inkomen te verdienen of anderen helpen om een inkomen te verdienen. In de meeste landen is het onder de 14 jaar niet toegestaan om te werken. Vanaf 14 jaar mag het wel, maar alleen een beperkt aantal uren per dag en onder beschermende omstandigheden. Als hier geen sprake van is, is het ook een vorm van kinderarbeid. Na schooltijd thuis bijspringen in de huishouding of  een handje helpen op het land tijdens de oogst zijn geen vormen van kinderarbeid. Tenzij het kinderen belemmert om naar school te gaan, want dan schaadt het hun ontwikkeling en noemen we het wel kinderarbeid.

Regels in Nederland
Aan het einde van de 19de eeuw werd in het Westen kinderarbeid als een maatschappelijk probleem erkend en werden er beschermende maatregelen genomen. Zo is in Nederland kinderarbeid officieel verboden. Wel mogen kinderen van 14 jaar op schooldagen 2 uur per dag kleine karweitjes tegen betaling doen zoals oppassen bij familie of folders rondbrengen. Vanaf 15 jaar mogen kinderen een ochtendkrant bezorgen. Maar méér mogen ze niet werken en ze moéten naar school! In Nederland worden kinderen dus goed beschermd tegen kinderarbeid.

Rechten van het Kind
In het Verdrag van de Rechten van het Kind, dat in November 1989 door de Verenigde Naties is aanvaard, staat dat alle kinderen over de hele wereld rechten hebben. Onder andere:
  • recht op onderwijs
  • recht op bescherming tegen het verrichten van werk dat schadelijk is voor hun gezondheid en nadelig voor hun scholing en ontwikkeling

Veel landen hebben wetten die kinderen onder de 14 jaar verbieden te werken. Desondanks werken wereldwijd minstens 218 miljoen kinderen van 5 tot 17 jaar. Het Verdrag van de Rechten van het kind wordt in deze landen dus niet nageleefd. In veel landen mogen kinderen vanaf 14 jaar wel werken, maar met aangepaste uren en werkomstandigheden. In de praktijk doen veel jongeren echter hetzelfde werk als volwassenen.

Kinderarbeid houdt armoede in stand
Eén op de zeven kinderen gaan naar het werk in plaats van naar school. Ze zitten gevangen in een spiraal van armoede waaruit moeilijk te ontsnappen is. Kinderarbeid komt voort uit armoede, maar meer nog houdt kinderarbeid armoede in stand, omdat kinderen zich niet kunnen ontwikkelen en volwassenen minder kans hebben op werk. Overheden moeten beseffen dat het duurder is als kinderen werken, dan dat ze naar school gaan. Hun land kan zich hierdoor immers minder goed ontwikkelen.
terug

Oorzaken van kinderarbeid
  • Afwezigheid van goed en gratis onderwijs
    In veel landen is het niveau van het onderwijs heel laag. Er zijn niet genoeg scholen en als die er al zijn dan zijn er te weinig onderwijzers. De klassen zijn veel te groot en er is gebrek aan boeken en ander lesmateriaal. De kinderen zijn verplicht allerlei dingen uit het hoofd te leren en leren niet zelf nadenken over de stof. Kinderen worden niet altijd goed gestimuleerd en soms zelfs gediscrimineerd door leraren. Ook als onderwijs gratis is moeten ouders vaak zelf schriftjes, pennen en schooluniformen aanschaffen, waar ze eigenlijk geen geld voor hebben. Als het onderwijs te kort duurt hebben kinderen veel vrije uren, waardoor ze groot risico lopen gedwongen te worden om te gaan werken. Vanaf 13 jaar neemt de groep werkende kinderen enorm toe. Veel kinderen gaan niet naar het middelbaar onderwijs, omdat het te duur is of te ver weg.
  • Te weinig werk en slechte arbeidsrechten voor volwassenen
    Wanneer ouders over goede arbeidsrechten beschikken en een eerlijk loon verdienen uit loonarbeid of een eigen (boeren)bedrijfje, kunnen ze kosten voor onderwijs voor hun kinderen zelf opbrengen. Maar in veel landen is er te weinig werk, is het slecht gesteld met de arbeidsrechten en vakbondsrechten en werken mensen voor een hongerloon.
  • Armoede
    Kinderarbeid is zowel een gevolg als een oorzaak van armoede. Veel kinderen moeten voor hun tiende jaar al gaan werken voor de kost. Gezinnen waarvan de vader ontbreekt of werkloos is, kunnen vaak moeilijk het hoofd boven water houden. Vrouwen verdienen over het algemeen minder dan mannen en hebben bovendien de zorg voor de kinderen, die er vaak al heel jong op uitgestuurd worden om zo een bijdrage te leveren aan het gezinsinkomen. Omdat deze kinderen geen kans hebben op een opleiding zullen ze altijd ongeschoold werk moeten blijven doen. Hoe ouder ze worden, des te minder kans ze op de ongeschoolde arbeidersmarkt hebben, omdat jongere kinderen hetzelfde werk goedkoper kunnen verrichten. Werkloosheid is het gevolg. Als deze werkloze jongeren straks zelf een gezin hebben zullen hún kinderen ook weer ingezet moeten worden om voldoende geld voor het levensonderhoud in het laatje te brengen. En zo ontstaat er dus een vicieuze cirkel van armoede.
     
  • Goedkope arbeidskrachten
    Bedrijven willen graag kinderen in dienst hebben, omdat ze goedkoop zijn, snel werken niet snel zullen protesteren of staken. Hun kleine handen zijn geschikt voor bepaalde vaardigheden, zoals het maken van luciferstokjes. Daarnaast kunnen ze in moeilijke tijden gemakkelijker worden ontslagen. Ze kennen hun rechten vaak niet en zullen minder voor zichzelf opkomen. Kinderarbeid is dus "prettig" voor een  ondernemer. Hij kan goedkoop werken en voor zijn producten een relatief lage prijs vragen. Veel producten die wij goedkoop kunnen aanschaffen, zijn in arme landen gemaakt door kinderen die in slechte omstandigheden en tegen een laag loon lange werkdagen maken.                                                                                                                                                                                            
  • Overheid bewaakt de arbeidswetten niet
    In veel landen controleert en beschermt de overheid de arbeidsomstandigheden onvoldoende: ze inspecteren te weinig of ze beperken arbeidsrechten en vakbondsvrijheden om een gunstig investeringsklimaat te scheppen om bedrijven te stimuleren om zich in hun land te vestigen. Kinderarbeid kan daardoor officieel niet toegestaan zijn, maar toch op grote schaal voorkomen. Over het algemeen is het beter gesteld met arbeidswetten als er meer democratie is, omdat de politiek dan meer rekening houdt met haar kiezers.
  • Ouders denken dat het goed is als kinderen werken
    Veel mensen denken dat werk kinderen vormt en discipline bijbrengt, bijvoorbeeld als ze meewerken in het (boeren)bedrijf thuis, in de huishouding of op de markt. Ouders zijn zich vaak niet bewust van de gevaren die werk kan hebben voor de ontwikkeling van kinderen. Kinderen worden makkelijk ingezet voor het gezin en niet gezien als personen, die recht hebben op hun eigen ontwikkeling. 
    terug  

Verschillende vormen van kinderarbeid 

a) Kinderarbeid op het platteland
De meeste kinderen werken op het platteland. De kinderen werken in familiebedrijfjes of thuis. Dit werk is vaak onzichtbaar. Zij doen huishoudelijke taken, hoeden het vee of werken mee op het platteland. Vooral van meisjes wordt traditioneel verwacht dat zij meehelpen in en rondom het huis. Door de globalisering in de landbouw is er de laatste jaren weer een nieuwe vorm van kinderarbeid ontstaan, namelijk de seizoenarbeid. Ook op plantages vinden abominabele toestanden plaats. Zo worden op de bananenplantages in Ecuador de meest elementaire gezondheids- en veiligheidsregels geschonden. De kinderen moeten werken met scherpe haken en messen en sjouwen veel te zware gewichten. Meisjes worden vaak seksueel misbruikt. Als er vliegtuigen overvliegen die pesticiden sproeien, moeten de kinderen vaak gewoon doorwerken, waardoor ze klachten krijgen als hoofdpijn, koorts, duizeligheid, branderige ogen, maagpijn, misselijkheid.

b) Kinderarbeid in de stad
Ook hier werkt het grootste deel van de werkende kinderen in niet geregistreerde banen. Ze hebben geen vastgestelde rechten en staan bloot aan ernstige uitbuiting. Hoewel in de stad relatief gezien veel minder kinderen werken, is de arbeid die zij verrichten zichtbaarder dan de kinderarbeid op het platteland. Dit geldt vooral voor de straathandel en de prostitutie. Toch is er ook in de stad sprake van onzichtbare kinderarbeid, bijvoorbeeld wanneer kinderen werken in eethuisjes, naaiateliers en familiebedrijfjes of als hulp in de huishouding. Ook in de officiële industriële sector (zoals kleding en tapijtfabrieken) komen onaanvaardbare situaties van kinderarbeid voor. De sterke toename van toerisme wereldwijd heeft bovendien tot gevolg dat veel kinderen tegenwoordig werkzaam zijn in de toeristen-en uitgaansindustrie en niet te vergeten, de seksindustrie.
terug

Ergste vormen van kinderarbeid
In de maatschappelijke discussie worden de hierna genoemde vormen van kinderarbeid als ‘ergste vorm’ omschreven, maar dat wil niet zeggen dat andere vormen van kinderarbeid meer acceptabel zouden zijn.
  • Huishoudelijke hulp
    Deze ernstige vorm van kinderarbeid speelt zich bijna onzichtbaar af. Het gaat hierbij om kinderen, meestal meisjes, die als dienstbode in de huishouding van anderen werken. Veelal komen ze van het platteland en gaan ze in een verre stad werken. Ze moeten vaak lange werkdagen maken en kunnen geen aanspraak maken op vrije tijd en voldoende voeding. Zij gaan vaak niet naar school, verkeren in een sociaal isolement en lopen het risico seksueel misbruikt te worden. De rechtspositie van deze kinderen is erg slecht. Niemand controleert hun werktijden of de uitbetaling van hun loon. Ze worden vaak uitgebuit, mishandeld en misbruikt. Niet zelden ontvluchten ze hun werkplek, waarna ze terecht komen in de prositutie, omdat ze zonder scholing en ver van huis weinig andere kansen hebben.
  • Prostitutie
    Steeds meer kinderen belanden in de prostitutie, vooral in landen waar de seksindustrie hoogtij viert. In Thailand is kinderseks een bekend verschijnsel. Kinderen worden verkocht of eropuit gestuurd door radeloze ouders. Het toerisme speelt hier volledig op in. Kinderen zijn zich nauwelijks bewust van  het gevaar van mishandeling, geslachtsziektes, ongewenste zwangerschap en aids. Achter elk meisje in de prostitutie staat een volwassene: een pooier, een 'verloofde', soms zelfs een (stief)vader of (stief)moeder. Zij bieden het meisje 'bescherming', maar strijken ook vrijwel al het geld op.
     
  • Mijnen en fabrieken
    Ook voor kinderen die in mijnen en fabrieken werken is het leven hard. In de goudmijnen van Brazilië worden ze blootgesteld aan giftige stoffen zonder dat er ook maar van enige bescherming sprake is. In Sierra Leone werken kinderen zeven dagen per week diep onder de grond in de diamantmijnen. Kinderen die in voetbalfabrieken werken, moeten de hele dag leren voetballen naaien. Hun handen gaan kapot van het zware werk dat hun vingers moeten verrichten. Kinderen die in lucifersfabrieken werken worden voortdurend blootgesteld aan zwavel. Werkgevers letten niet op de veiligheid en de gezondheid van de kinderen. 
     
  • Schuldarbeid
    Er is sprake van schuldarbeid wanneer kinderen moeten werken om een door hun ouders opgebouwde schuld af te lossen. Op het platteland gaan kleine boeren vaak gebukt onder grote schulden aan landeigenaars en geldschieters. Ze kunnen hun schulden vaak niet aflossen door de hoge rente en de lage opbrengst van hun producten. Dus moeten er opnieuw leningen worden afgesloten waardoor er nóg meer schulden ontstaan. De kinderen moeten meewerken om deze schulden af te betalen. Vaak wordt zo'n schuld van generatie op generatie doorgegeven.
  • Slavernij
    De term kinderslavernij wordt gebruikt voor die situaties waarin kinderen voor geld verkocht worden. Zo worden in het land Qatar jongetjes van 6 jaar gekocht om jockey te zijn bij de populaire kameelrennen. De jongens moeten klein en mager zijn en krijgen nauwelijks te eten, maar raken ze ondervoed, dan worden ze afgedankt. Veel van de kinderjockeys komen uit Pakistan of Sudan, waar ze voor een klein bedrag van straatarme ouders worden gekocht. De kinderen worden zo strak op de rug van de kameel gebonden dat, als de kameel tijdens de wedstrijd valt, ze er niet af kunnen springen en vaak ernstig gewond raken of het ongeluk met de dood moeten bekopen.
     
  • Kindsoldaten
    Sommige kinderen worden ingelijfd in het leger. Deze kinderen worden geconfronteerd met alle ellende die een oorlog met zich meebrengt. Kinderen zien hoe hun eigen familieleden vermoord worden of moeten meehelpen hen te doden. Kinderen worden geronseld om te vechten in het leger of om logistieke taken te vervullen. Meisjes moeten soms seksuele diensten verrichten.
    terug

Kinderarbeid in het Zuiden
Volgens de internationale arbeidsorganisatie ILO is het absolute aantal werkende kinderen het grootst in Azië, maar relatief gezien werken in Afrika de meeste kinderen.

Afrika
Het is vooral de sterke toename van de bevolking, het gebrek aan onderwijsmogelijkheden en de achterblijvende economische groei in Afrika die tot gevolg heeft dat steeds meer kinderen ingezet worden in het arbeidsproces. Ten zuiden van de Sahara werken de meeste kinderen op het platteland. Kinderslavernij komt vooral voor in West-Afrika. Door hun ouders verkocht voor soms nog geen € 15, -  worden deze kinderen te werk gesteld in eigen land of vervoerd naar landen in het midden van het continent, als hulp in de huishouding, schoonmaker of straathandelaar. Ook worden regelmatig kinderen verhandeld naar Europese landen waar zij grote kans lopen in de prostitutie terecht te komen.

Azië
In Azië ligt het percentage kinderen dat werkt lager dan in Afrika. Maar omdat in Azië het grootste deel van de wereldbevolking woont, betekent het dat hier de helft van alle kinderarbeid op de hele wereld voorkomt. Veel kinderen in Azië zijn werkzaam als schuldarbeider of zelfs als slaaf. Ook in de formele industriële sector, b.v. in de exportindustrie komt veel kinderarbeid voor. Zo werken in India, Bangladesh en Pakistan veel kinderen in de tapijtindustrie. Vanwege de reeds genoemde sterk georganiseerde seksindustrie in Azië, komt ook kinderprostitutie hier op grote schaal voor.

Latijns-Amerika
Ondanks de soms bloeiende economieën in dit deel van de wereld, leven veel mensen in armoede als gevolg van de ongelijke verdeling van de welvaart en wordt er nog steeds veel te weinig geïnvesteerd in onderwijs. Hoewel een aanzienlijk aantal van hen werkzaam is in de prostitutie en straathandel, werkt het merendeel van de kinderen in de landbouw of als hulp in de huishouding bij anderen.
terug

Gevolgen van kinderarbeid

a) Werkeloosheid
Kinderen die een groot gedeelte van de dag werken, hebben meestal niet veel tijd en energie meer over om nog naar school te gaan. Dit beperkt hun kansen om een goed leven op te bouwen. Als kinderen ouder worden, moeten ze eigenlijk meer gaan verdienen. Ook durven ze dan meer eisen te stellen. Dat is vaak een reden voor de werkgever om de kinderen te ontslaan. Zonder werk en scholing hebben kinderen niets om op terug te vallen. Een goede baan zit er voor hen niet in. Het enige wat ze kunnen doen is ongeschoold werk dat vaak zwaar is en slecht wordt betaald. Maar dit werk kan ook door jongere kinderen worden gedaan, die goedkoper zijn. Zo blijven oudere kinderen en volwassenen werkloos en moeten de kleine kinderen werken.

b) Gezondheidsproblemen
Veel arbeidsomstandigheden van werkende kinderen zijn zo gevaarlijk dat ze ernstige gezondheidsrisico's met zich meebrengen. Op het platteland komen kinderen die in de landbouw of op de plantages werken in aanraking met zeer giftige bestrijdingsmiddelen waardoor ze ziek worden en soms sterven. Ook in de mijnbouw, de hoogovens of in de chemische fabrieken zijn de veiligheidsmaatregelen vaak minimaal of geheel afwezig.  Andere kinderen werken in kleine bedrijfjes, zoals weverijen en naaiateliers, die vaak slecht of helemaal niet geventileerd zijn en waar het daglicht nauwelijks binnenkomt. Deze kinderen zien zelden de zon. Ze hebben groeistoornissen door vitaminegebrek. Omdat de kinderen soms werkdagen van 12 tot 16 uur maken en steeds in dezelfde houding zitten, komt ook misvorming van benen en rug veel voor. Tevens blijven ze achter in de lengtegroei omdat ze meestal slecht en weinig voedsel krijgen. Wanneer kinderen fouten maken of niet snel genoeg werken, worden zij vaak mishandeld.

c) Onderontwikkeling
Kinderarbeid is slecht voor de ontwikkeling van een land. Ruim 120 miljoen kinderen gaan niet naar school, omdat ze moeten werken. Als kinderen naast hun werk toch nog naar school gaan, zijn ze vaak te moe om goed te kunnen leren. Ze kunnen zich daardoor minder ontwikkelen. Ze zullen aangewezen blijven op ongeschoold en laagbetaald werk. De kans is groot dat de werkende kinderen wanneer zij volwassen zijn, hun eigen kinderen ook weer moeten laten werken om in het onderhoud van het gezin te kunnen voorzien. Omdat het voor werkgevers goedkoper is kinderen in dienst te nemen, kunnen volwassenen geen werk vinden. Armoede en onderontwikkeling worden op deze manier in stand gehouden.
terug

Oplossingen
Het hele probleem van kinderarbeid zou opgelost kunnen worden als er geen armoede meer was én als overheden zouden zorgen dat arbeidswetten worden nageleefd. Als ouders genoeg geld zouden hebben om voor hun gezin te zorgen, hoefden hun kinderen niet te werken. Als overheden werkgevers zouden straffen die kinderen laten werken, zou kinderarbeid niet meer winstgevend zijn. Kinderen moeten beschermd worden tegen kinderarbeid. Wat doet Kerk in Actie daaraan via het programma Kinderen in de Knel?
  • Onderwijs in plaats van werk
    We steunen projecten die kinderen de kans geven om weer naar school te gaan en te stoppen met werken. Als kinderen gratis, volledig en kwalitatief goed onderwijs krijgen met een schoolmaaltijd is dit ook voor arme gezinnen een goed alternatief voor werk. Met een gevulde maag kunnen  kinderen beter leren. Soms is aangepast onderwijs nodig. Dat is alleen goed als het een opstap is naar gewoon onderwijs. Voor jongeren kunnen vaktrainingen en beroepsonderwijs belangrijk zijn voor hun verdere ontwikkeling.
  • Betere rechtspositie voor jongeren
    We steunen initiatieven die de rechtspositie en arbeidsomstandigheden van jongeren verbeteren en hen een vak leren.
     
  • Ouders sterker maken
    We steunen projecten die ouders of andere familieleden helpen om goed voor hun eigen kinderen te zorgen. Dat kan bijvoorbeeld door hen in staat stellen voldoende eigen inkomen te verdienen. Sommige organisaties lenen geld aan de ouders van werkende kinderen op voorwaarde dat hun kinderen naar school gaan. Ze kunnen dan een winkeltje of een bedrijfje beginnen waardoor ze meer verdienen, een beter toekomstperspectief krijgen en de bijdrage aan het gezinsinkomen van hun kinderen niet direct meer nodig hebben. Ook steunen we projecten die ouders bewust maken van het belang van onderwijs voor hun kinderen. Als je zelf nooit onderwijs gevolgd hebt, is het moeilijk om in te zien welke kansen dit kan bieden.
  • Overheden hun rol laten nemen
    Voor een betere bescherming, wetgeving en naleving van de Rechten van het Kind is het belangrijk dat lokale en nationale overheden hun taak goed uitvoeren. Daarom steunen we projecten die overheden stimuleren hun eigen arbeidswetten te verbeteren en te handhaven en goed betaalbaar onderwijs te bieden voor iedereen.
    terug