Sluit dit venster

Reisverslag Rwanda

Auli en Gerard van ’t Spijker, beiden emerituspredikant van de Protestantse Kerk, zijn als gastdocent verbonden aan de pas opgerichte Protestantse universiteit in Rwanda, de Protestant Institute of Arts and Social Sciences (PIASS) in Butare, Rwanda. Elk van hen geeft les aan studenten van de Theologische Faculteit van deze instelling.

Meer info over het project:

Beurzen, Bibliotheek en algemene steun faculteit

Laatste indrukken

21 februari 2012

Werken in de wijkgemeente
Vanmorgen, zondagmorgen, om 8.00 uur, kwam de vice-rector, Prof. Dr. Viateur Ndikumana, nog even afscheid nemen. Hij verontschuldigde zich ervoor dat hij gisteren niet langs was geweest. Maar, zei hij, op zaterdag werk ik in de wijkgemeente van de Anglicaanse Kerk waar ik de verantwoordelijke predikant ben. Het is een kleine wijk, bestaande uit zo’n 250 leden, voornamelijk vrouwen en daarnaast nog hun kinderen.
De meeste mannen hebben in deze regio meegedaan aan de genocide. Ze zitten nog in de gevangenis, en enkele mannen zijn ook omgebracht. De meeste vrouwen hebben geen inkomen. Ons kerkje, vertelde Ndikumana, is niet meer dan een open ruimte met een afdak. Maar we zijn een echt kerkje aan het bouwen. Op zaterdag maken we samen de ‘stenen’ uit modder. Per werkdag proberen we driehonderd stenen te halen, die we dan te drogen leggen. Gisteren haalden we maar de helft, want het heeft de gehele dag geregend.
Zelf aan de bouw te werken, geeft de vrouwen moed. We begonnen destijds met een groepje van vijfentwintig. Maar het aantal is gegroeid tot over de honderd. Die zaterdagen zijn voor mij vermoeiende maar vooral inspirerende dagen. Tegelijk doe je natuurlijk aan pastoraat. Het is hier een acht kilometer vandaan. Ik ga altijd lopend. Dat is dan meteen mijn fitnesstraining.
Zo heeft Ndikumana afwisselend werk: door de weeks leiding geven aan de universiteit; deze week hoorde daar ook een kennismaking met de nieuwe minister van onderwijs bij. Op zaterdag als predikant werken in een van de armste wijkgemeenten van de kerk.

De afsluiting van de cursus
Verder spraken we vanmorgen natuurlijk over de bijeenkomst van afgelopen vrijdagavond, waarop we mijn lessen over de nieuwe kerken in Afrika en Rwanda hebben afgesloten. Na de burgeroorlog en de genocide van 1990-1994 zijn in Rwanda wel zo’n 500 nieuwe kerken en kerkjes ontstaan. Allemaal hebben ze iets pinksterachtigs. Sommige zijn goed georganiseerd en trekken nogal wat leden uit de oudere bestaande kerken. Doel van mijn cursus was na te gaan wat die nieuwe kerken betekenen, hoe ze zijn ontstaan, en wat je er mee aanmoet.
Als onderdeel van de cursus had ik studenten opgedragen kerkdiensten en andere activiteiten te bezoeken van enkele van die nieuwe kerken. Ter afsluiting van de cursus had ik de predikanten van de kerken die door de studenten bezocht waren, uitgenodigd voor een gesprek in de klas. Ik wilde de gedachte wegnemen dat het onderzoek van de studenten als een soort spionage zou worden opgevat. De studenten maakten van deze ontmoeting een hele happening. Ze hadden gezorgd voor een grote met groene lakens bedekte tafel vóór in het klaslokaal. Daar kwamen bezoekers te zitten, op deftige stoelen uit de bibliotheek. Ieder met een flesje bronwater voor zich, zoals dat hoort bij een officiële ontvangst.

Het ging er ook officieel toe. Ook Viateur Habarurema, de secrétaire-académique, de man die de dagelijkse gang van zaken van de faculteit verzorgt, en de vice-rector, Viateur Ndikumana, hadden te kennen gegeven er bij te willen zijn. Het was voor het eerst dat deze predikanten waren uitgenodigd als gasten van de theologische faculteit. Ik heb ze allemaal gevraagd een inleiding te houden over de specifieke missie van hun nieuwe kerkgenootschap. De studenten stelden op een vriendelijke manier scherpe vragen. De vice-rector maakte van de gelegenheid gebruik om te laten zien dat de faculteit uit is op open betrekkingen. Achterdocht en verdachtmakingen moeten we uit de weg zien te ruimen.

Een inspirerende bijeenkomst
De studenten werden door deze bijeenkomst erg geïnspireerd. Voor het eerst hadden ze kennis gemaakt met kerken die, niet zonder reden, door de oudere kerken als indringers en concurrenten worden beschouwd. De studenten waren onder de indruk van de soms grondige en effectieve organisatie en werkwijze van deze nieuwe gemeenten. En van de aanstekelijke manier waarop de predikanten over hun gemeentewerk vertelden. Het werd een belangrijke gebeurtenis.
Zo valt vijandschap weg, wanneer je met open vizier probeert met elkaar kennis te maken. Hier moeten we mee doorgaan, was de gedachte bij de studenten en bij de leiding van de universiteit.
Deze afsluiting van mijn cursus had niet beter kunnen zijn. Eerlijk gezegd kan ik niet hoog opgeven van de intellectuele prestaties die de studenten in de vorm van verslagen en examens hebben geleverd. Maar in praktisch opzicht hebben ze veel geleerd. Ik heb sterk de indruk dat deze analyse van de nieuwe kerken, en de discussie over wat je daarmee aanmoet als traditionele kerken, een vast onderdeel van de studie theologie in Butare zal worden. Ik kijk met een gevoel van voldoening terug op de lessen die ik de afgelopen weken aan de theologische faculteit heb kunnen geven.
Kigali, op weg naar huis, zondagmiddag, 20 februari 2012.

Gerard van ‘t Spijker


Reacties (0)

Laat een reactie achter

   


Verstuur reactie