Sluit dit venster

Weblog waarnemer Israël/Palestina

Hans Kapteijn

Hans Kapteijn en Wim Minnaard zijn van 24 november 2011 tot en met februari 2012 door de Wereldraad van kerken ingeschakeld als vrijwilliger in het Ecumenical Accompanier Program in Palestine and Israel (EAPPI). De oecumenische begeleiders van EAPPI werken in kleine internationale teams op verschillende lokaties en zijn verbonden met de plaatselijke Palestijnse of Israëlische gemeenschappen of organisaties, waaraan ze door hun aanwezigheid bescherming kunnen bieden.

Voorbereiding en uitzending worden gefinancierd door Kerk in Actie. In hun weblogs geven Hans en Wim hun persoonlijke opinie weer. Mocht u er iets van willen overnemen, verzoeken wij u te overleggen met de afdeling communicatie van de EAPPI of Kerk in Actie. 

Volg Wim op zijn eigen weblog: www.minnaardbijeappi.nl.

Abonneer mij op deze weblog

Meer info over het project:

Uitzending oecumenische begeleiders

Naar de Jordaan

19 januari 2012

Naar de Jordaan

Twee maal in een jaar geeft de Israëlische overheid de Palestijnse bevolking toestemming om de Jordaan te bezoeken. De gemeente van de Anglicaanse kerk in Nablus maakt graag gebruik van deze mogelijkheid en wij worden van harte uitgenodigd daarbij aanwezig te zijn. Samen met Margit en Nathalia, twee mensen van het team uit Tulkarm, voegen Stan en ik ons bij de groep van ongeveer dertig gemeenteleden die op woensdag 18 januari uit Nablus vertrekt.   

Vanuit de heuvelachtige omgeving in het midden van de Westbank dalen wij af naar de Jordaan. Gaandeweg gaat het landschap over van heuvels met olijfbomen naar een woestijnachtige omgeving tot we in de directe omgeving van de Jordaan komen. Hier, in Gebied C, waar Israël het voor het zeggen heeft, hebben kolonisten nederzettingen gesticht en daar is – dankzij het water van de Jordaan – veel land in cultuur gebracht. Er zijn in dit lage land van de Jordaanvallei uitgestrekte velden met bananenplanten, palmbomen en allerlei andere vruchtbomen. Veel van deze vruchten worden uitgevoerd als vruchten uit Israël en niet als vruchten uit bezet Palestijns gebied.


De bedoeling van de reis is om de plaats te bezoeken waar Jezus door Johannes zou zijn gedoopt. Als de bus bij de afslag naar deze plaats komt, blijkt de afslag gesloten te zijn voor Palestijnen. We moeten een aantal kilometers terug, daar een afslag nemen en dan via een onverharde weg, parallel aan de officiële weg, naar dezelfde afslag. Eén van de vele vormen van het maken van onderscheid!
Bij de afslag staan politie en legereenheden om te controleren. Nu gebeurt deze controle nog op een open plek met slechts een hek als afscheiding, maar er wordt al gebouwd aan een permanente post.
Op de parkeerplaats staat al een groot aantal bussen en er is daarnaast nog een groot parkeerterrein voor personenauto's. Er wordt dus vaker op een groot aantal bezoekers gerekend.


De laatste paar honderd meters leggen we te voet af. Daarbij lopen we tussen twee hekken door met daarop de borden 'Danger. Mines.'. Dat zijn restanten van de oorlogen tussen Israël en Jordanië.  








Bij de Jordaan zijn allerlei voorzieningen gemaakt om de bezoekers de gelegenheid te geven ook daadwerkelijk de Jordaan te zien en eventueel ook in te gaan. Praktisch betekent dit dat bezoekers in beperkte aantallen bij het water worden toegelaten en dat er op wordt toegezien dat mensen ook weer doorlopen zodat er weer plaats komt voor anderen. Ook wij voegen ons in de rij van hen die  wachten en staan daarna stil bij de kant van het water. Het blijft merkwaardig om daarbij te zien dat aan beide zijden van de rivier gewapende soldaten aanwezig zijn.

De belangstelling wordt in de loop van de ochtend steeds groter, want de patriarch van de Grieks-orthodoxe kerk in Jeruzalem zal komen en het water zegenen. Deze gebeurtenis is voor veel Grieks-orthodoxe christenen van grote betekenis; zij zijn dan ook in grote getale aanwezig en wachten geduldig in de steeds warmer worden zon.
Father Ibrahim, onze geestelijke en wereldlijk leider deze dag, besluit niet langer te wachten en we gaan op weg naar de bus. Vlak voordat we willen instappen komt de stoet aan, met doedelzakken voorop en dan een groot aantal in het zwart geklede geestelijken met de patriarch in hun midden.
Voor hen die bij de Jordaan staan zal het nog wel een uur duren eer de stoet gearriveerd zal zijn. Daarna kan het ritueel van het zegenen van het water beginnen en zal een witte duif worden losgelaten als symbool van de heilige Geest die bij de doop van Jezus uit de hemel is neergedaald.

Wij vervolgen onze reis door de Jordaanvallei naar Jericho, want voor de groep gemeenteleden is het een grote bijzonderheid om hier te kunnen zijn. Hoewel deze stad in de Westbank ligt zijn diverse mensen hier nog nooit geweest en kennen de stad alleen van de verhalen. Anderen zijn hier eerder geweest, maar dan vaak een aantal jaren geleden. Niet alleen zijn ze afhankelijk van de toestemming van de Israëlische overheid, maar het is ook een dure reis voor voor de meesten en dus genieten ze er zolang mogelijk van op deze dag. Het weer werkt zeker mee, want het is zonnig en warm. Ergens geeft een thermometer aan dat 32 graden is!















In Jericho nemen de vier oecumenische begeleiders de gelegenheid te baat om het klooster op de Berg van de Verzoeking te bezoeken. Volgens de overlevering zou Jezus op deze berg verzocht zijn door de duivel en om die reden hebben monniken in het verleden tegen de wand van deze berg een klooster gebouwd. Dat kan via een lange wandeling bergopwaarts bereikt worden, maar ook via een kabelbaan. Wij kiezen voor deze laatste mogelijkheid en genieten daarbij van het uitzicht op de opgravingen van  de oude stad Jericho, waarvan de muren ingestort zijn doordat de Israëlieten er zeven dagen om heen trokken. In het klooster zijn diverse zalen met schilderijen en iconen te zien. Ook is er het prachtige uitzicht over de stad Jericho en verder over de Jordaanvallei.

Op de terugreis hoor je aan de motor van de bus dat we de weg omhoog zoeken – langzaam stijgend van ongeveer 300 meter onder de zeespiegel naar ongeveer 200 meter daarboven.
In Nablus nemen we hartelijk afscheid van de groep gemeenteleden, dankbaar dat we mee mochten. Dan vervolgen we onze weg, twee van ons naar Tulkarm en twee naar Jayyus.
 


Reacties (1)

Laat een reactie achter

   


Verstuur reactie

20 januari 2012 om 18:25 | Door: Henriëtte Zwaan-Groothuis

Wat fijn Hans dat je ons zo steeds mee laat leven. Niet dat ik er vrolijk van word, maar ik krijg het gevoel er even bij te zijn. Het onrecht te ervaren dat mensen wordt aangedaan. We moeten blijven zeggen dat het zo niet mag en kan. Vaak zie ik voor me waar je bent. Wij zijn ook in de Syrisch-Orthodoxe kerk in Bethlehem geweest. De priester daar vertelde ons dat op die plek de herberg was waar Jozef en Maria aanklopten en de herbergier heeft ze toen de weg naar de stal gewezen, die kun je vanaf die plek zien. In Bethlehem is ook een Palestijns huis dat ingericht zoals Palestijnen vroeger leefden. Meer adviezen zal ik je maar niet geven, want de tijd gaat snel en zo te lezen doe en ervaar je al heel veel. Hans ik vind het heel goed van je wat je doet. We leven met je mee en ook met onze broeders en zusters in Palestina, die in moeilijke omstandigheden blijven geloven in God, in hoop en in de toekomst. Vrede en alle goeds. Henriëtte