Sluit dit venster
Toon kaart

Kaart

Diaconaal werk op Zuid Sumatra

Land: Indonesië
Programma: Zending
Werkveld: Vrede, mensenrechten en lobby
Projectnummer: Z 009283
Nodig voor dit werk: € 35.000

De Gereja Kristen Sumatera Bagian Selatan (GKSBS) is een partnerkerk van Kerk in Actie in Indonesië (Zuid-Sumatra). De GKSBS heeft zich altijd bijzonder ingezet voor de strijd tegen armoede en voor vreedzaam samenleven in een multiculturele context. In Indonesië heeft de GKSBS een voortrekkersrol in de invulling van het samenwerkingsprogramma van Kerk in Actie en haar 33 partnerkerken op het gebied van de diaconale roeping van de kerk: “We zijn geroepen tot broederschap en zusterschap, en om ons leven te delen in waardigheid met elkaar.”

Steun dit werk!
U kunt dit werk steunen door uw bijdrage over te maken op rekening 456 t.n.v. Kerk in Actie te Utrecht, o.v.v. het projectnummer of doneer online. Hartelijk dank!



Gereja Kristen Sumatera Bagian Selatan
De Gereja Kristen Sumatera Bagian Selatan (GKSBS) ontstond onder arme transmigranten die zich vanuit Java op Zuid Sumatra vestigden. Bijzonder is dat de kerk niet door westerse zendelingen maar door de Javaanse kerk van Centraal Java is gesticht. In 1938 had deze kerk Zuid Sumatra tot haar zendingsgebied verklaard. De eerste zendeling kwam in 1942 naar Zuid Sumatra. In 1987 werd de kerk zelfstandig nadat men daarvoor steeds als een deelkerk van de kerk van Midden Java had gefunctioneerd. Tegenwoordig is de Gereja Kristen Sumatera Bagian Selatan verspreid over zes provincies in Zuid Sumatra. Door haar achtergrond heeft de GKSBS zich altijd bijzonder ingezet voor de strijd tegen armoede en voor vreedzaam samenleven in een multiculturele context.

Vijf broden en twee vissen in de praktijk
In Indonesië heeft de GKSBS een voortrekkersrol in de invulling van het samenwerkingsprogramma van Kerk in Actie en haar 33 partnerkerken op het gebied van de diaconale roeping van de kerk. De kerk heeft altijd aandacht gehad voor de positie van armen en voor het vreedzaam leven in een multiculturele samenleving: “We zijn geroepen tot broederschap en zusterschap, en om ons leven te delen in waardigheid met elkaar.”
De GKSBS wil leven naar het voorbeeld van Jezus, zoals het in Marcus 6:30-44 beschreven wordt: Jezus voedt met vijf broden en twee vissen vijfduizend mensen. Met name Marcus 6:38 is belangrijk. Jezus vroeg aan zijn discipelen: ‘Hoeveel broden hebben jullie bij je? Ga eens kijken.’ En nadat ze waren gaan kijken wat ze bij zich hadden, zeiden ze: ‘Vijf, en twee vissen.' De discipelen ontdekken wat er al is en daarna kan Jezus het wonder verrichten om de mensen te voeden. Hij houdt van de hongerige mensen en vraagt daarom van de anderen om Hem te helpen ze te verzorgen. Dat Bijbelverhaal is een belangrijke inspiratiebron voor de GKSBS.

Lampung

Lampung is de armste provincie op Sumatra en dat stelt de GKSBS voor grote uitdagingen. De samenleving waarin de GKSBS zich bevindt is erg divers maar ongeveer 30-40% van de bevolking leeft onder de armoedegrens. Grote problemen zijn de conflicten met betrekking tot land. In die situatie wordt het moeilijk om belangrijke waarden overeind te houden als broederschap en zusterschap, leiderschap, een goed geordende samenleving en elkaar helpen. Mensen proberen zichzelf te verrijken ten koste van anderen. Ze proberen zo min mogelijk met elkaar te delen. De waarde van de mens wordt in de huidige samenleving niet afgemeten aan het feit dat hij een medemens is, door God geschapen, maar door wat hij of zij aan materiële welvaart, opleiding en werk heeft vergaard. De menselijke waarde komt los te staan van het bestaan als mens. De waarde wordt afgemeten aan geld, sociale status of macht. De armsten zijn de dupe hiervan en merken dat helaas maar al te goed.

Broederschap en zusterschap
De GKSBS heeft een droom over broederschap en zusterschap en wil de provincies op Zuid Sumatra een thuis voor iedereen maken. Dat houdt rechtstreeks verband met de oorsprong van de GKSBS. De kerk is door transmigranten gesticht die van Java naar Zuid Sumatra kwamen. Elkaar helpen en in harmonie samenleven waren altijd heel belangrijk in hun traditie en culturele geschiedenis.

De termen Tepo seliro (verdraagzaamheid) en Gotong Royong (elkaar helpen) geven uiting aan de wens om in harmonie samen te leven, zoals ze dat op Java deden, voordat ze naar Zuid Sumatra kwamen. Deze waarden werden steeds sterker in de strijd om het bestaan die die ze moesten voeren toen ze op het nieuwe eiland aankwamen. Nog steeds houdt de GKSBS deze waarden in ere.

Projectdoelen
Ieder jaar worden er 50 trainers getraind om de diaconale roeping van de GKSBS uit te voeren. Zij zullen de mensen gaan trainen in de plaatselijke gemeenten.

Ieder jaar zullen er 80 gemeenteleden van de GKSBS de slachtoffers van de landconflicten helpen en het onderwerp aankaarten bij de plaatselijke overheid.

Foto's (0)

Video's (0)

Verhalen

Indonesië

De Gordel van Smaragd
Nog steeds staat Indonesië bij ons bekend als de “Gordel van Smaragd’, een onmetelijk eilandenrijk bedekt met tropische regenwouden. Indonesië kent maar liefst 130.000 eilanden, waarvan maar 1000 bewoond, en is 50 keer zo groot als Nederland. De regenwouden waren overigens vooral in het westen van het land, het oosten is veel droger door minder regenval. Ondanks de massale houtkap, die nog steeds voortgaat, is nog steeds 60% van Indonesië met wouden bedekt. Op het overbevolkte eiland Java is echter meer dan 90% van die oude wouden verdwenen!
Indonesië kent ook de “Ring van Vuur”, een reeks van wel 1000 vulkanen, die niet alleen vuurspuwen, aardbevingen en tsunami’s veroorzaken, maar ook regelmatig de aarde met een rijke minerale as bedekken, die verspreid door rivieren, grote delen van het land rijk aan grondstoffen en uiterst vruchtbaar maken, waardoor tot op de hellingen van de vulkanen rijst wordt verbouwd. Het is dan ook niet vreemd dat in de lange historie regelmatig volken vanuit het vasteland van Zuid- en Oost-Azië naar dit rijke, vruchtbare eilandenrijk zijn getrokken.

De geschiedenis
Al honderden jaren voor onze jaartelling dreven mensen uit India handel met de eilanden in het latere Indonesië, vooral met Sumatra en Java. Deze handelaren brachten ook hun cultuur en godsdienst mee, waardoor onder het gewone volk het Boeddhisme populair werd (alle mensen zijn gelijk) en onder de heersers het Hindoeïsme (er is een rangorde onder goden en mensen). Uit deze handel en culturele invloed ontstonden dan ook belangrijke koninkrijken op Sumatra en Java, die ook bleven bestaan toen de arabieren in de 15e eeuw arriveerden, die op hun beurt handel en godsdienst gepaard lieten gaan: geleidelijk werd, eerst in de kuststreken en daarna in de bestaande Javaanse rijken, Islam de heersende godsdienst. De Portugezen waren de eerste Europese handelaren, die Indonesië ‘ontdekten’, maar hun komst was van korte duur, hoewel met hun handel ook de christelijke godsdienst voor het eerst voet aan wal zette in Indonesië.

In 1596 arriveerden de Hollanders, vooral met het oog op de handel. Onder leiding van de Vereenigde Oost-Indische Compagnie (VOC) werd via een het ‘cultuurstelsel’ ingevoerd, waarin de boeren werden gedwongen op grote schaal de door de Hollanders gewenste producten te verbouwen, vaak met hongersnood tot gevolg. Toen deze handel vooral door de Engelsen bedreigd werd, rond 1800, werd het gehele land zo goed mogelijk onder controle gebracht: Indonesië werd een kolonie, bestuurd door een ambtenarensysteem vanaf Java, waar de andere eilanden als ‘wingewesten’ golden. Met deze kolonisatie begon ook de Zending, vooral in die delen waar de Islam niet sterk was, terwijl de overheid er voor zorgde dat deze de belangen van kolonisatie diende.

De kolonisatie maakte echter ook een Indonesisch kader (opgeleide Indonesiërs) noodzakelijk en het was juist onder hen dat in de 19e en 20e eeuw het verzet tegen Nederland groeide, waardoor – na de onderbreking van de Tweede Wereldoorlog – de onafhankelijkheid van Indonesië op 17 augustus 1945 kon worden uitgeroepen. Het besturen van het land via een ambtenarensysteem, vanuit Java, waar de andere eilanden meer wingewesten worden gezien, bleef echter het karakter van Indonesië.

De godsdienst
De Republiek Indonesië is gebouwd op de filosofische grondslag van de Pancasila, waarvan de eerste het geloof in één God wordt genoemd. Dat betekent dat alleen monotheïstische godsdiensten worden erkend: Islam, Hindoeïsme, Boeddhisme en het Christelijk geloof. In werkelijkheid is echter onder al deze godsdienst de invloed van de traditionele godsdiensten nog zeer sterk, waarin de spirituele ervaring van het leven en de natuur en herinnering aan de voorouders centraal staan. In getal vormen de Moslims de grote meerderheid (bijna 90%), maar zeer velen zijn aanhangers van de traditionele Javaanse religie, waardoor orthodoxe moslims Indonesië meer werkelijk islamitisch willen maken.
Christenen en kerken (rond 10%), voortgekomen uit de Zending, hadden aanvankelijk het voordeel van steun door de christelijke koloniale regering en op die manier ook een relatief hoog opgeleid kader. Geleidelijk, in de Republiek Indonesië, zijn echter die voordelen weggevallen en worstelen kerken in Indonesië nu met gebrek aan goede mensen.

De betrokkenheid van Kerk in Actie
Je zou kunnen zeggen dat onze betrokkenheid zich weer, zoals vóór het kolonialisme, concentreert rond de thema’s van handel en godsdienst. Het Werelddiakonaat – nu in samenwerking met ICCO – houdt zich vooral bezig met de vraag hoe achtergestelde groepen mee kunnen delen in de rijke bodemschatten van Indonesië, met name door hun inspraak te vergroten en weerbaar te maken tegen exploitatie door grote bedrijven. De Zending probeert kerken in Indonesië te ondersteunen om het kerkelijk kader weer te versterken, om de vele uitdagingen van de christelijke minderheid aan te kunnen gaan.

Lees meer over Indonesië Interactief.