Het verhaal van directeur Mabud Chowdhury

Persoonlijk verhaal

donderdag 30 april 2015Mabud Chowdhury was moslim, maar bekeerde zich tot het christendom. Hij richtte Isa-e-Jamat op omdat hij merkte dat moslims zich niet thuis voelden in de reguliere Bengaalse kerken. Hij vertelt zijn boeiende levensverhaal.

Bekering tot het christendom

Ik ben afkomstig uit een grote moslimfamilie uit een hogere klasse. Ik werkte in de haven van mijn geboortedorp in het district Chittagong en verdiende daar veel geld. Maar mijn hart was onrustig en ik verbraste het geld aan alcohol. Ik zwierf soms nachten over straat. In mijn studententijd leerde ik Christus kennen. Ik hoorde veel negatieve dingen over het christendom van een vriend en besloot om christenen tot de islam bekeren. Daarom ging ik een schriftelijke Bijbelcursus volgen om meer over het christendom te weten. Het lezen van de Bijbel veranderde mijn leven compleet. Teksten zoals in Rom. 6:23; Joh. 1:12; Joh. 3:16-18 maakten een blijvende indruk. Ik zag dat ik een zondaar was en dat ik vergeving nodig had. Ik accepteerde Jezus als mijn Verlosser op 12 januari 1985. Ik wilde christenen tot de islam bekeren, maar uiteindelijk werd ik zelf door God gegrepen. Het duurde nog tot 18 augustus 1985 voordat ik gedoopt werd, omdat de predikant eerst zeker wilde weten of ik echt wel christen geworden was.

Eenzaamheid

Toen ik mensen over Jezus wilde vertellen werd ik door mijn familie verstoten, door mijn collega’s vernederd en door mijn vrienden verlaten. Ik was zo eenzaam, ik had alleen God om iets mee te delen. Van 1985 tot en met 1987 kwam ik bij één van de evangelisatieteams van Operatie Mobilisatie terecht. We verkochten christelijke literatuur en belegden samenkomsten in kerken en kleine dorpjes. Ik wilde het Evangelie graag bekend maken aan de enorme moslimbevolking van Bangladesh. In 1988 volgde ik in Dhaka voor één jaar een training voor voorgangers aan het Christian Discipleship Centre. In deze periode ben ik door verschillende crisissen heengegaan, maar ik leerde er ook mijn huidige vrouw Sandhya kennen, die als verpleegkundige werkte. We trouwden in december 1988 in Chittagong. Ik kreeg het advies mee: ‘Word lid van een kerk zodat je in contact met andere gelovigen bent, dat is belangrijk!’

Lid worden van een Bengaalse kerk

We gingen in Dhaka wonen. Ons gezinsleven startte in een golfplaten huisje met een huur van 1.000 Taka. Daar begon de dagelijkse strijd om te overleven. Hoe lang zouden we kunnen leven van het inkomen van mijn vrouw? Ik vond werk als kantoorklerk. Met het geld dat ik verdiende, kocht ik verschillende evangelisatiefolders van de Bangladesh Bible Society. Zo begon ik met mijn evangelisatiewerk in Dhaka. We werden lid van de Kerk van Bangladesh. Later gingen we in Sylhet wonen, waar mijn vrouw een baan kreeg in het ziekenhuis. We hadden veel financiële zorgen.

Werk in Saoedi-Arabië

Daarom vertrok ik in 1992 naar Saoedi-Arabië voor werk bij Saudi Arabian Airlines in Jeddah. In de vijf jaar dat ik daar woonde heb ik veel nagedacht over islam en christendom. Ik heb de heilige plaatsen Mekka en Medina bezocht. Ik dacht na over de complexe verhouding tussen Isaï (volgelingen van Jezus) en de traditionele kerken in Bangladesh. Ik ontdekte dat wanneer ik moslims in Bangladesh met het Evangelie wil bereiken, ik hun culturele concepten moest gaan gebruiken. Ook ontdekte ik dat moslims die een volgeling van Jezus werden, zogenaamde isaï, als schapen zonder herder waren. Veel nationale en internationale zendingsorganisaties hadden het evangelie verkondigd, maar hun werk was meestal maar van tijdelijke aard. Wanneer deze zendelingen vertrokken bleven de isaï verstrooid en eenzaam achter.

Christenen met moslimachtergrond

In deze periode groeide het inzicht dat er in Bangladesh twee gescheiden christelijke stromingen waren: traditionele christenen met een van oorsprong hindoe achtergrond en isaï met een moslimachtergrond. Tussen deze twee groepen was destijds veel onbegrip, ongeloof en wantrouwen. Toen besefte ik dat christenen die eerst hindoe geweest zijn, hun culturele achtergrond kunnen vasthouden. Dit geldt ook voor de etnische Garo, Telegu en Santal gemeenschappen. Waarom is dit niet mogelijk voor moslims? Waarom kunnen wij, als ex-moslims niet onze tradities en cultuur aanhouden en zo mee blijven doen binnen de hoofdstroom van onze maatschappij? Ik was ervan overtuigd, dat het mogelijk was om volwaardig christen te zijn en ook de moslimcultuur en tradities vast te houden. Ik voelde mij geroepen om hiervoor te gaan strijden.

Ik was als Jona

Tijdens mijn verblijf in Saoedi-Arabië kreeg ik veel brieven van een predikant die mij bemoedigde door zijn brieven en mij herinnerde aan mijn roeping. Ik zag mijzelf als Jona. Jona ging ook de andere kant op. Ik ging naar een ander land om daar te werken, maar God riep mij op om voor Hem te gaan werken in Bangladesh. Ik begon te bidden: “God, ik wil U van dienst zijn, maak mij geschikt voor Uw werk!” Na vijf jaar werken in Saoedi-Arabië, keerde ik in 1997 terug naar Bangladesh.

Isa-e-Jamat opgericht

Ik vond een baan als accountant bij een drukkerij. Daarnaast ging ik het Evangelie verkondigen aan moslims en richtte ik zelf een jamat (een gemeente) op in Mirpur, Dhaka. Ik startte met gebedsbijeenkomsten om te bidden voor een Isa-e gemeenschap. Deze Isa-e gemeenschap moest een landelijke spreekbuis worden voor de Isa-e geloofsgemeenschappen. We besloten om open en transparant en niet in het geheim te gaan werken. In 2003 hebben we Isa-e Jamat Bangladesh officieel laten registreren bij de overheid.

God zegent ons werk

We hebben het werk doorgezet, en uiteindelijk is het door God gezegend. Ik dank de Almachtige God dat Hij een leek als ik heeft uitgekozen om dit werk voor Hem te doen. De Blijde Boodschap is verkondigd, er zijn Jamats gesticht, projecten ten uitvoer gebracht en isaï zijn gegroeid in hun geloof’.

www.kerkinactie.nl maakt gebruik van cookies.
De website van Kerk in Actie gebruikt cookies van Google Analytics om de eigen kwaliteit te verbeteren. Deze gegevens zijn anoniem gemaakt. Soms wordt echter inhoud getoond van Facebook, YouTube of Twitter; deze social media gebruiken hun cookies ook om advertenties te tonen. Lees meer over ons cookiebeleid.