Stemmingmakerij

Column

woensdag 23 september 2015“Jullie doen aan stemmingmakerij over vluchtelingen”, zegt een meneer tegen me per mail . Ik kijk een beetje verwonderd naar mijn scherm. Waarom zegt hij dat? Waar gaat dit over?

Terwijl ik erover nadenk lees ik de facebookpagina van de opvang van vluchtelingen ergens in Nederland. Het regent er berichten. De grootste categorie is die van bewogen mensen. Mensen die de nood zien en iets willen doen. Van stoepkrijten tot fietsen leren, van willen koken tot een dagje mensen meenemen naar het strand. Er is ook een categorie van vragers. “Wat betekent het voor onze buurt, is het wel veilig?” Er zijn ook boze mensen. “Waarom krijgen die asielzoekers wel alles wat ze nodig hebben, en mogen wij verrekken”, is de teneur, of “het gaat hier al zo slecht”. En een vierde categorie is die van de onverholen haat tegen alles wat buitenlands is. Het regent dan ook discussies op de pagina, en discussies over het al dan niet moeten faciliteren van die discussies, want heel prettig is het beslist allemaal niet.

Wat moet je daar nou mee? Al die meningen?

Over de haatzaaierij ben ik gauw klaar. Dat is absoluut en geheel onacceptabel. Klaar. Het is in strijd met de basis van de Bijbel: Heb uw naaste lief.

Over de klacht rondom “zij wel een huis en ik niet” ligt het al wat ingewikkelder. De redenering klopt niet en klopt wel. Gemeenten die het sociale woonbeleid al jaren prioriteit nul geven moeten dáarop aangesproken worden, dat klopt, zoals ook in mijn woonplaats Haarlemmermeer waar mensen eindeloos op wachtlijsten staan. Maar om dat inzet te maken van het niet willen opvangen van mensen op de vlucht, dat klopt niet. Hier kun je krachten beter bundelen op het grotere probleem van huisvesting.

Over het punt wat betekent dat voor onze buurt kan ik ook kort zijn: neem mensen die dat uiten serieus, ook al vind je misschien hun angst niet reëel. Bagatelliseer het niet, en label ze al helemaal niet meteen als haatzaaiers. Net zo min als het klopt dat alle vluchtelingen en migranten terroristen zijn, zijn ook niet alle vluchtelingen heiligen. Iedereen die iets vreselijks heeft meegemaakt is niet per definitie getraumatiseerd, maar iedereen die op de vlucht is is ook niet meteen je droom buurman of vrouw.

En over alle mensen die met open armen klaar staan kunnen we ook al kort zijn, prachtig! Maar één dingetje: neem alle lessen die wereldwijd getrokken zijn rondom vluchtelingen wel serieus. Voorkom voortrekken van mensen en groepen, ga niet lukraak spullen uitdelen, voorkom elkaar voor de voeten lopen, voorkom dat iedereen nu wat wil doen maar over een paar maanden niet meer.

Maar het allerbelangrijkste is: luister naar elkaar en probeer te begrijpen wat de ander zegt.

Ooit leerde ik dat wanneer je echt diep van mening verschilt je terug moet naar de vraag: waar zit jouw pijn. Als we alle overbodige wollige woorden wegvegen, wat blijft er dan over. De pijn van de hater die zichzelf ongezien voelt, de pijn van de doener die iets wil doen tegen alle pijn, de pijn van de mens met het visioen die zich steeds bespot weet en de pijn van de twijfelaar die zich niet gehoord voelt met zijn oprechte vragen.

Pas als je naar elkaar wilt luisteren, kan er gehoor gegeven worden aan de oproep van Jezus bij het meer van Galiliea, om vijf broden en twee vissen te delen. Dán kunnen we delen in het besef dat we allemaal onderweg zijn, pelgrims op weg naar Pasen. Dán kunnen we openstaan voor het nieuwe, voor dat wat ons gebracht wordt in plaats van wat ons bedreigt: voor het doorzettingsvermogen om niet alleen te vluchten voor een oorlog maar ook te reizen voor een visioen van vrede en recht.

En dan denk ik aan wat ik ooit zag in Wajir, in Kenia bij de grens van Somalie. Duizenden mensen die naar de stad trokken. Al hun vee gestorven door de droogte. En in het zand werden hutten gebouwd, van takken en lappen. Rijen en rijen lang. Allemaal mensen met niks en bijna niks. En groot was mijn verwondering toen ik zag dat wie aankwam van wie er al was kreeg wat nodig was. Een pan, een teil, een lap. Mensen met bijna niets deelden met mensen die niets meer hadden. In een gebied waar niets groeide en de conflict nooit ver weg is.

Dat wens ik ons allen toe. Die houding: delen van wat je gegeven is. In woord, aandacht en geld. En dan zo samen op de bres voor mensen in nood, mensen van ver en mensen dichtbij. En om dat te bereiken moeten we samen stemming maken: stemming maken rondom het visioen van vrede en recht.

Auteur: Kerk in Actie medewerker Elise Kant

met dank aan Pater dr Frans Vervooren OCD

www.kerkinactie.nl maakt gebruik van cookies.
De website van Kerk in Actie gebruikt cookies van Google Analytics om de eigen kwaliteit te verbeteren. Deze gegevens zijn anoniem gemaakt. Soms wordt echter inhoud getoond van Facebook, YouTube of Twitter; deze social media gebruiken hun cookies ook om advertenties te tonen. Lees meer over ons cookiebeleid.