hèda beetna, zeh bajit shelanoe [dit is ons huis]

Blog

maandag 30 juni 2014 WEBLOG 8, 25 juni 2014 We wonen. Dat deden we al sinds het schrobben klaar was, maar nu we van de week de eerste gas-, water- & lichtrekeningen in de bus hebben gehad, dringt het pas goed tot ons door: dit is geen vakantie. Vooral onze namen in het Hebreeuws op de envelop (mrln wandrlo & ieliea antoniesn) maakten het echt. We realiseerden ons wel dat we nog veel taalstudie moeten doen om die rekeningen echt te snappen en ons ook in dat opzicht thuis te voelen.

koptekst%20levant.jpg

Waar woon je? (1)

Een onschuldige vraag die we altijd graag beantwoorden omdat we ontzettend blij zijn met de plek waar onze flat staat. Misschien heb je weleens gehoord van de Haaspromenade, een wandelgebied in het Zuidoosten van Jeruzalem met een prachtig uitzicht op de Oude Stad. Op de foto zie je wat wij elke ochtend zien als we naar de bushalte rennen om 10 over 7.

Het huis is zelf is ook geweldig: het is licht en koel, en alles is gelijkvloers, waar de kinderen erg blij mee zijn omdat ze ons toch in de buurt hebben als ze op hun kamer spelen (lees: meteen aan komen hollen als wij geluidloos een stukje chocola uit de koelkast pakken). We hebben al een paar keer tegen elkaar gezegd dat we deze flat  wel mee willen nemen naar Nederland als onze uitzending erop zit. Een tuin missen we totaal niet; achter het huis is een binnenplaats van waaruit jongetjes Niels roepen om te komen voetballen, en verderop is een park waar in het weekend veel families zitten die Marieke chips en koekjes voeren en waar ze met buurmeisjes speelt. Af en toe neemt ze er een mee naar huis zodat wij kunnen uitleggen dat ze genoeg heeft van het bal overgooien en liever armbandjes wil vlechten. Dit alles in zeer beroerd Hebreeuws & met uitgebreid handen- en voetenwerk, want ‘armbandjes vlechten’ staat niet in ons oefenboek.

Het inrichten van de flat was een belevenis op zich. We hadden niets uit Nederland meegenomen, zodat we veel bijzondere mensen leerden kennen op onze zoektocht naar tweedehands spullen. Het ene moment zaten we in een stoffige kelder bij een allergische Amerikaan af te dingen op een uitschuiftafel voor 18 personen (niet gelukt trouwens), het andere moment stonden we in een uitdragerij tussen de kromgetrokken nachtkastjes en doorgezeken matrassen en probeerde de eigenaar ons in een onbekende taal (Arabreeuws?) wiebelige stoelen aan te smeren.

Zo hadden we wel een goed excuus om vaak naar IKEA te gaan en een en ander aan te vullen met fris vurenhout, färgrik, linnman en expedit. Terwijl wij ons best deden om onze ecologische voetafdruk daar enigszins beperkt te houden, heeft Niels in een onbewaakt moment de zijne vereeuwigd in de net gegoten betonnen vloer van een met tape en grote schermen ontoegankelijk gemaakte hoek van de beddenafdeling. We zagen het aan zijn rooie snuit, besmeurde nieuwe blauwe schoenen en natte grijze voetstappen op het smetteloze laminaat in de looppaden. Terwijl wij hem op niet mis te verstane toon duidelijk maakten wat we van deze actie vonden, werd er van alle kanten ‘kol besedder’ (alles in orde) geroepen door toesnellend winkelpersoneel en kreeg hij nog een aai over z’n bol toe. Daar sta je dan als westerse individualist met je eigenste ongehoorzame kind; ja, opvoeden (of niet) gebeurt hier in groepsverband.

 

Waar woon je? (2)

We wilden dus graag wonen waar de kinderen buiten kunnen spelen en waar we niet te ver van ons werk afzitten. Halverwege de Oude Stad en Bethlehem leek ons daarom het meest geschikt. Naïef, want weinig in Jeruzalem is zo simpel als het lijkt. Woon je in West (dat wil zeggen ten westen van de bestandslijn van 1949, de zgn. Groene Lijn, die werd getrokken na de oorlog tussen het net geboren moderne Israël en z'n Arabische buren), dan kies je letterlijk voor de joodse kant van de stad. Veel internationale organisaties erkennen Jeruzalem niet als hoofdstad van Israël en geven hun werknemers opdracht in Oost een huis te zoeken. Ook vanwege het risico dat je in West in een huis of op grond komt te wonen waar tot 1948 Arabieren woonden. Woon je in Oost, zijnde het huidige Arabische deel van de stad, dan maak je duidelijk dat je er allereerst voor de Palestijnen bent. Dat geldt echter weer niet voor nieuw-Oost, want dat zijn joodse nederzettingen in bezet/betwist gebied. Nou, zeg het maar…  En dat doen veel mensen graag!

Of het ècht koosjer is weten we niet, maar uiteindelijk hebben we gekozen voor het zgn. Niemandsland. Dat is een in 1949 door de VN rond hun eigen hoofdkwartier ingestelde neutrale zone tussen Oost en West. Ons deel van dit gebied wordt door joden bewoond; zo hopen we feeling met die kant van de samenleving te houden. Onze flat wordt beheerd door mensen van de kibboets verderop. Ze zorgen er goed voor en wij zijn heel blij met het contact dat we met ze hebben. Omdat ze de hele administratieve rompslomp met lokale instanties voor ons regelen, komen we geregeld buurten en praten we bij grote bekers Nescafé en een bak koekjes over het dagelijks leven in Israël en Nederland.

Voor ons heeft het dus eigenlijk prima uitgepakt, maar voor de gemiddelde Jeruzalemmer is het wonen een minder idyllische aangelegenheid. In West zien we hoe veel joodse gezinnen in grote armoede leven, op elkaar gepakt in woonkazernes waar de schilder in 1960 voor het laatst is langs geweest. Standaard inrichting: losliggende tegels, een gehavende bank, een eettafel en een boekenkastje met rabbijnse literatuur. Ook in Oost wonen mensen op een kluitje, met name omdat er bijna geen bouwvergunningen worden verleend. Op veel bestaande huizen rust een afbraakbevel, wat eventueel woonplezier danig beperkt. De goede huizen die er zijn, worden verhuurd aan werknemers van westerse (hulp)organisaties die verplicht in Oost wonen. Gevolg: voor gewone Palestijnen onbetaalbare huren. Om je een idee te geven van de prijzen: wij betalen 1200 euro per maand en dat vindt men hier goedkoop. Nemen we dan niet de plek in van zo’n arm joods gezin of dringend woonruimte-behoevende Arabische familie? Gelukkig niet, maar we zouden liever zeggen: helaas niet. Er is in de stad maar één wijk waar Joden en Arabieren min of meer gemengd wonen, verder is alles gescheiden. En ook binnen het joodse deel van de maatschappij leven mensen veelal gescheiden, op grond van hun religieuze achtergrond. Zo wonen orthodoxe Joden alleen al uit praktisch oogpunt bij elkaar; zij hebben huizen nodig met ruimte voor 2 keuken(tje)s om volgens de spijswetten te kunnen leven: 2 ovens (vlees/melk), 2 koelkasten, 2 aanrechten, 2 serviezen etc. Maar de verschillen in hoe men in het leven staat, zijn ook groot. Daarover een volgende keer meer. Voor nu: een heel goede vakantie in je eigen (mobiele) huis of in dat van iemand anders op een hopelijk zorgeloze locatie!

En voor als je een keer niks te doen hebt in de vakantie: welke van onderstaande huizen staan in Oost- en welke in West-Jeruzalem? En wat is ons huis?

hèda beetna, zeh bajit shelanoe [dit is ons huis] in beeld

scroll of swipe door foto's en videomateriaal

www.kerkinactie.nl maakt gebruik van cookies.
De website van Kerk in Actie gebruikt cookies van Google Analytics om de eigen kwaliteit te verbeteren. Deze gegevens zijn anoniem gemaakt. Soms wordt echter inhoud getoond van Facebook, YouTube of Twitter; deze social media gebruiken hun cookies ook om advertenties te tonen. Lees meer over ons cookiebeleid.