Joedzjaad wadzjhaan li-omlaa wahhda / Jesh shnee tsdadiem le-otaa matbeía [De medaille heeft twee kanten]

Blog

zaterdag 14 mei 2016Weblog 27, 13 mei 2016 In Nederland zijn ze alweer voorbij, in het Heilige Land zitten we er middenin: de jaarlijkse herdenkingen. Vorige week was het Jom Ha-sjoa, waarop de Joodse slachtoffers van de Holocaust worden herdacht. Eergisteren was de herdenking van IsraŽlische oorlogsgevallenen, en gisteren werd voor de 68e keer Onafhankelijkheidsdag gevierd. Komende zondag, tenslotte, is het Nakba Day, de dag waarop Palestijnen rouwen over de wijze waarop die IsraŽlische onafhankelijkheid tot stand kwam. Het zijn weken waarin de achtergronden van het Joods-Arabische conflict duidelijk naar voren komen.

koptekst%20levant.jpg

We merken dat we daar als buitenstaanders (die we toch altijd blijven) vanuit ons eigen theologische, politieke of sociale referentiekader gemakkelijk zwart-wit op kunnen reageren. Gelukkig kennen we inmiddels zoveel mensen, dat we geleerd hebben ons iets bescheidener op te stellen. Zij laten ons zien hoeveel pijn er is. En hoe diep die zit, aan beide kanten. We zijn blij dat we van Kerk in Actie de tijd krijgen om naar lokale mensen te luisteren en hun verhalen door te geven aan jou als lezer van deze blog.

Hoezo bevrijd?

De Nederlandse herdenking van Jom Ha-sjoa in Herzliya had dit jaar als thema De bitterzoete smaak van vrijheid. Joden die de oorlog overleefden, werden weliswaar fysiek bevrijd, maar waren daarmee nog niet vrij; men keek op ze neer of wist zich geen raad met ze. Vaak kregen ze hun bezittingen niet terug of moesten daar slepende rechtszaken voor voeren. Bij het ophalen van hun ondergedoken kinderen werden ze niet herkend en kregen soms zelfs te horen: ĎDie blijven bij onsí. Veel volwassenen waren sowieso hun familie en vrienden kwijt, kinderen hoorden dat de rest van het gezin was omgekomen en moesten in hun eentje een toekomst gaan opbouwen.

De noodzaak van een eigen thuis in Palestina, op dat moment nog Brits mandaatgebied, werd voor veel Joden acuut. Een oude dame vertelde ons na afloop van de bijeenkomst, dat ze eigenlijk blijer was geweest met de stichting van de staat IsraŽl dan met het einde van de Tweede Wereldoorlog. Dat konden we ons na het horen van een zestal verdrietige verhalen van overlevenden levendig voorstellen. Een plek te hebben waar je begrepen wordt, jezelf kunt zijn en voluit meetelt in plaats van getolereerd te worden. Je ziet dat bij de viering van Onafhankelijkheidsdag. Een groot deel van de ruim zes miljoen Joden in het Heilige Land is trots op alles wat ze hier met elkaar bereikt hebben en viert dat uitbundig. Voor het eerst in 2000 jaar heeft men als volk zelfbeschikkingsrecht en is men niet langer afhankelijk van de goedertierenheid van Ďgastlandení.

Gebouwen en autoís zien al sinds eind april blauw-wit van de IsraŽlische vlaggen en vlaggetjes. Op iedere straathoek worden ze je aangeboden door verkopers met grote tassen aan hun arm. Wij als Nederlanders associŽren dergelijk vlagvertoon toch altijd weer met het enige moment dat we zelf Ďlastí hebben van patriottische gevoelens Ė als Oranje moet spelen (en winnen) tijdens het EK/WK voetbal. Dat het voor Joodse IsraŽliís veel dieper gaat, daar hebben we minder beeld bij. Laat staan dat we kunnen bevatten wat er dan door de twee miljoen Arabische IsraŽliís en de vier miljoen Palestijnen in de Westbank en Gaza heengaat.

Hoezo vrij?

De IsraŽlische onafhankelijkheid kwam Ė heel kort gezegd Ė tot stand na jaren van spanningen tussen Joden, Arabieren en Britten, en de burgeroorlog die volgde op de presentatie van het VN-verdelingsplan voor Palestina. Dit plan werd door de Joden aanvaard, maar verworpen door de Arabieren, die het onacceptabel vonden dat ze ruim de helft van het gebied waar ze vaak al eeuwen woonden kwijt zouden raken. Na de onafhankelijkheidsverklaring op 15 mei 1948 werd IsraŽl door de Arabische buurlanden aangevallen en sloeg het hard terug.

Kinderen van de rekening waren de naar schatting 800.000 Joden die uit de Arabische wereld werden verbannen en de 700.000 Arabieren die op de vlucht sloegen of verdreven werden uit hun woonplaatsen aan de Middellandse Zeekust, in Galilea en het gebied rond Jeruzalem. Van die Arabieren kwamen velen terecht in de Westbank, Gaza en de omringende landen. In JordaniŽ bijvoorbeeld is naar schatting de helft van de bevolking van Palestijnse vluchtelingen-afkomst. Al heeft inmiddels het gros van de Palestijnen die tijd niet meer meegemaakt, het verdriet om wat verloren is, is er niet minder om. Nog altijd woont een deel in de vluchtelingenkampen van toen om de hoop op terugkeer levend te houden. In de Palestjnse gebieden wordt de Nakba (Ramp) officieel herdacht, in IsraŽl is dat niet toegestaan. De situatie zal dit weekend weer extra gespannen zijn.

Overigens zijn ook niet alle Joodse IsraŽliís gelukkig met de manier waarop hun staat tot stand is gekomen. En dan hebben we het niet alleen over de (slinkende groep) linkse IsraŽliís die inzien ten koste van hoeveel leed aan de Arabische kant dit gegaan is, maar ook over ultra-orthodoxe joden die vinden dat deze staat mensenwerk is en niet het resultaat van Gods eigen handelen. Zij lieten daarom gisteren tijdens de nationale vrije dag hun kinderen (zoín 50.000 in totaal) gewoon naar school gaan, wat discussie opleverde in de media: moeten deze scholen wel subsidie krijgen als ze de staat waarvan ze die subsidie ontvangen, afwijzen en ondermijnen met hun religieuze visie? Sommigen van deze groep kun je namelijk compleet met zwarte hoeden, zijlokken en tsitsit (geknoopte draden aan de uiteinden van hun gebedskleed) in anti-IsraŽl demonstraties zien zwaaien met de Palestijnse vlag.

Hoezo niet (be)vrij(d)?

Juist van de week zijn we in Bethlehem op bezoek geweest bij Clemence, onze Arabische taallerares en een schat van een vrouw. Omdat we een paar Nederlandse bezoekers bij ons hadden, vroegen we of ze haar levensverhaal nog eens wilde vertellen:

ĎIk ben geboren in Jaffa, tegenwoordig een wijk in Tel Aviv. Toen ik vijf jaar oud was, stonden er op een dag gewapende soldaten voor de deur, die onder dreiging van hun geweren ons gezin dwongen het huis te verlaten. Mijn moeder dacht nog terug te komen, dus pakte ze alleen wat kleren voor mij en mijn vier broertjes en zusjes in. Haar gouden armband, gekregen om te gebruiken in tijden van nood, liet ze in de haast in de kast liggen. Mijn vader kon niets meenemen uit zijn goedlopende winkel. We werden met vele andere Arabische families naar Amman in JordaniŽ gestuurd, waar we in een tentenkamp van de UNRWA moesten zien te overleven. De situatie was slecht, de mensen arm als ratten. Mijn vader kon een baantje krijgen als boekhouder en mijn moeder werd, met zelf alleen middelbare school, juf in het tentenschooltje. Zo konden ze geld sparen om een huis in Amman te huren. Zelf werd ik als meisje van zeven naar de diaconessen van de Lutherse kostschool in Beit Jala gestuurd waar ik de basisschool doorliep. Terug in Amman deed ik de middelbare school en kon ik lerares worden op een school van de Southern Baptists in het noorden van JordaniŽ, waar ik zelf veel†heb bijgeleerd over†het geloof. Daarna kreeg ik een baan op een school in Beit Sahour, een buurdorp van Bethlehem waar ik 36 jaar gewerkt heb. Ik trouwde en leefde jarenlang in relatieve rust aan de rand van Bethlehem met mijn man en kinderen. Tot die dag in 2002, toen er eerst borden bij ons huis kwamen te staan en daarna de tien meter hoge Muur die het huis van onze olijfgaard scheidde. Ik heb staan huilen toen ik voor het eerst een fles olijfolie moest kopen; voor die tijd verkocht ik altijd olie van onze eigen oogst. Ook het militaire vertoon en het geweld doen me pijn. Op zoín manier moeten leven in Gods land en de stad waar Jezus is geboren, kan toch niet de bedoeling zijn? Toch ben ik niet bitter. Het geloof houdt me staande. Jezus is vol liefde, en als we in Hem geloven, hoe kunnen we dan haten? Er kan geen haat en liefde uit hetzelfde hart komen. Ik heb de Joden lief en bid elke vrijdag met andere vrouwen bij de Muur achter mijn huis voor het afbreken van de muren van haat in de harten van mensen, daar en hier. En dat de Muur in afgebroken toestand een teken van vrede tussen IsraŽl en de Palestijnse gebieden mag worden.í

Nog even terug naar de Nederlandse Jom Ha-sjoa herdenking. We bedachten tijdens het luisteren naar de verschillende verhalen dat het goed zou zijn als dit soort bijeenkomsten vaker worden gehouden. Niet alleen met de eigen groep, maar ook met Ďde anderí, zodat mensen elkaars leed onder ogen†leren zien. Helaas zien we aan de incidenten van de afgelopen maanden dat het onbegrip tussen Joden en Arabieren alleen maar toeneemt. En de haat: deze week werd er nog ingestoken op een groepje bejaarden dat een wandeling maakte op de Haaspromenade vlakbij onze flat. En volgens een recente enquÍte ziet 50% van de Joodse Israeli's ALLE Arabische IsraŽli's graag†uit IsraŽl vertrekken.†Programmaís van organisaties die zich inzetten voor onderlinge toenadering, waarbij men haast gedwongen wordt naar elkaar te luisteren, trekken bijna niemand meer.

Het vraagt namelijk van mensen om ook in hun eigen hart te kijken of daar misschien dingen scheef zitten. En wie doet dit nou graag? Hoe moeilijk is het voor onszelf al om aan een ander toe te geven dat we een fout gemaakt hebben of hem/haar pijn gedaan? Daarom vonden we het bijzonder dat ťťn van de overlevenden in zijn toespraak zei: ĎBlijf niet hangen in je eigen leed en herinnering. Leer ervan en doe daarna iets met het leed van anderen, dichtbij en veraf.í Om het met de (op het scherm in het herdenkings-auditorium geprojecteerde) woorden van de Joodse dichteres Zelda Mishkovsky te zeggen: Ďieder mens heeft een naamí. We knopen het nog eens in onze oren.

Joedzjaad wadzjhaan li-omlaa wahhda / Jesh shnee tsdadiem le-otaa matbeía [De medaille heeft twee kanten] in beeld

scroll of swipe door foto's en videomateriaal

www.kerkinactie.nl maakt gebruik van cookies.
De website van Kerk in Actie gebruikt cookies van Google Analytics om de eigen kwaliteit te verbeteren. Deze gegevens zijn anoniem gemaakt. Soms wordt echter inhoud getoond van Facebook, YouTube of Twitter; deze social media gebruiken hun cookies ook om advertenties te tonen. Lees meer over ons cookiebeleid.