Op bezoek in de Centraal Afrikaanse Republiek

Reisverslag

woensdag 22 februari 2017“Het is een vicieuze cirkel”, zegt Jérome, hoofd van de UNHCR (VN organisatie voor vluchtelingen). “Wil je het geweld stoppen dan zijn duurzame ontwikkelingsprogramma’s nodig. Maar zolang het geweld doorgaat en de situatie zich niet stabiliseert willen organisaties niet investeren in ontwikkeling. En blijft de bevolking afhankelijk van noodhulp.” Ik ben op bezoek in de Centraal Afrikaanse Republiek om een beeld te krijgen van de projecten die we hier financieren met steun van het Nederlandse Ministerie van Buitenlandse Zaken.

Op zaterdagmiddag, na ontmoetingen met jonge vredesambassadeurs en leraren, spreken we Jérome en zin assistent Seydi over de situatie in het land. Beiden benadrukken dat het op dit moment kalm is in Bouar, een provinciestad in het westen van de Centraal Afrikaanse Republiek. Maar het is een broze kalmte die bij het minste of geringste weer kan omslaan.

Samen vormen we een platform


Zoals in 2013, toen gewapende bendes slaags raakten en tienduizenden mensen op de vlucht sloegen. Op het oog leek het een strijd tussen christenen en moslims, maar tijdens mijn verblijf benadrukt iedereen dat het geen religieus conflict is. Ook Michel Doko, penningmeester van de Lutherse kerk in Bouar: “Tot begin 2013 een bloedige strijd losbarstte hadden moslims en christenen hier altijd vreedzaam naast en met elkaar geleefd. We zijn daarom direct met elkaar in gesprek gegaan en kregen hierbij hulp van ACT Alliance, het oecumenische wereldwijde netwerk van kerken en kerkelijke organisaties. We hebben bijvoorbeeld twee workshops voor kerkleiders georganiseerd over psychosociale hulp aan de slachtoffers van het geweld. Aan deze trainingen namen ook moslims deel, en leden van andere kerkgenootschappen, zoals baptisten en katholieken. Samen vormen we ook een platform. Nu het hier rustig is kan onze regio een voorbeeld worden voor de rest van het land.”

Wederzijds begrip
Met elkaar in gesprek gaan en blijven. Het is in zekere zin de rode draad die mijn ontmoetingen in de Centraal Afrikaanse Republiek verbindt. Een van de activiteiten die de Lutherse Wereldfederatie met onze steun uitvoert in Bouar is het opleiden van jonge mensen tot vredesambassadeur in hun dorp. De jonge mannen én vrouwen bemiddelen bij conflicten in de gemeenschap. Dat varieert van een ruzie rond de waterput tot beschuldigingen van hekserij of huiselijk geweld als gevolg van alcoholmisbruik. Ze organiseren ook culturele en sportieve activiteiten om de verschillende bevolkingsgroepen bij elkaar te brengen. Zoals in Dai, een klein dorp op 25 kilometer afstand van Bouar waar de vier enthousiaste ambassadeurs vertellen over een theatervoorstelling. Onderwerp was het geweld in 2013, christenen die huizen en winkels van moslims verwoestten en wat dit deed met de mensen. Na afloop spraken de dorpelingen erover en ontstond er weer iets van wederzijds begrip.

'Je begint heel klein'
Een vergelijkbaar verhaal hoor ik van Martine, als medewerkster van Finn Church Aid verantwoordelijk voor hun vredesopbouwprogramma. Hoe doe je dat nou, de vrede opbouwen na zoveel geweld, pijn, en wantrouwen tegenover elkaar? Je begint heel klein, dichtbij de mensen, bij slachtoffer én dader. Eerst in gesprekken van één op één, waarbij je elkaar jouw eigen verhaal vertelt. Daarna wordt de kring langzaam groter. Het vertellen over jouw pijn, verdriet en zorg in een vertrouwde omgeving helpt bij het verwerken. En tenslotte komt de vraag of je jouw verhaal ook durft en kunt vertellen aan mensen die je nu ziet als tegenstander en als de veroorzaker van jouw leed. Het is een langdurig proces, maar het werkt. Het is een methode om het onderling vertrouwen binnen een gemeenschap die toch weer met elkaar verder moet weer te laten groeien.

Hoop op nieuwe vrede
Als religie niet de oorsprong is van het geweld, waar komt dit dan vandaan? Al decennialang zijn in de Centraal Afrikaanse Republiek gewapende benden met elkaar in gevecht. De oorzaken liggen in de structurele armoede van het land, de zwakke staat en regering, en de roofbouw op grondstoffen. Het land is rijk aan mineralen zoals goud, diamanten, olie en uranium waar profiteurs op af komen: eerst de Fransen die het land koloniseerden, en daarna Libanezen gevolgd door Chinezen. De bendes proberen ook hun graantje mee te pikken van deze rijkdom waar de gewone bevolking op geen enkele wijze van profiteert. Omdat de zwakke overheid praktisch afwezig is heerst straffeloosheid in het land waarbij het geweld regelmatig oplaait. Vorig jaar is een nieuw president gekozen en met hem kwam de hoop op nieuwe vrede. Het is inderdaad rustiger geworden, maar nog niet alle gewapende groepen hebben het ontwapeningsakkoord willen ondertekenen. Dit akkoord moet de weg vrijmaken naar buitenlandse fondsen zodat de ontwikkeling van het land ter hand genomen kan worden.

De projecten van de Lutherse Wereldfederatie en Finn Church Aid, onze partners in de Centraal Afrikaanse Republiek, zijn stappen op de weg naar duurzame vrede, siriri in het Sango, een van de belangrijkste talen in het land. Helpt u ons dit werk blijvend mogelijk te maken en zo de vicieuze cirkel te doorbreken?

Els Hortensius

www.kerkinactie.nl maakt gebruik van cookies.
De website van Kerk in Actie gebruikt cookies van Google Analytics om de eigen kwaliteit te verbeteren. Deze gegevens zijn anoniem gemaakt. Soms wordt echter inhoud getoond van Facebook, YouTube of Twitter; deze social media gebruiken hun cookies ook om advertenties te tonen. Lees meer over ons cookiebeleid.