Hong Kong twintig jaar SAR: feest of oorlogsverklaring?

Blog

zaterdag 15 juli 2017We werden er al maandenlang op voorbereid en afgelopen 1 juli, de dag dat het twintig jaar geleden was dat Hong Kong werd ‘teruggegeven’ aan China, werd dan ook plechtig en uitgebreid gevierd. De Chinese president Xi Jinping zelf kwam de festiviteiten bijwonen en mevrouw Carrie Lam werd geïnstalleerd als Hong Kongs nieuwe burgemeester. Er was een militaire parade, China’s grootste vliegdekschip meerde aan en het vuurwerk, ’s avonds, was spectaculairder en langer dan ooit.

SAR

Na 156 jaar Brits koloniaal bewind werd Hong Kong op 1 juli 1997 weer Chinees grondgebied, maar niet helemaal zomaar: het werd een Speciale Administratieve Regio van de Volksrepubliek China. Een SAR, voor de periode van vijftig jaar. Tot 2047 geldt het principe 'Een land, Twee systemen'. Met uitzondering van de beleidsterreinen buitenlandse zaken en defensie mag Hong Kong zichzelf besturen. Hong Kong heeft een eigen ‘Basic Law’, een eigen gemeenteraad (Legco, legislative council), een eigen rechterlijke macht en een eigen politie om de orde te handhaven.

In die eerste twintig jaar na de teruggave is er heel wat gebeurd en veel waarvan je kunt zeggen dat het onderdeel is van een proces van ‘mainlandisering’: van de gestage uitbreiding van de invloed van het moederland. Heel letterlijk heeft dat te maken met de migratieclausule van het akkoord tussen UK en China: Hong Kong heeft zich verplicht iedere dag 150 migranten uit China op te nemen (meer dan een miljoen nieuwe inwoners in twintig jaar, op een totaal van nu 7,3 miljoen), maar ook met een jaarlijks groeiend aantal werknemers en studenten. Het gaat om een economisch proces, waarbij het belang van Hong Kong eerder kleiner dan groter wordt. 20 jaar geleden was het BNP van de stad 16% van dat van China, nu is dat minder dan 3%.

De greep van China

Maar het gaat natuurlijk ook om een politiek en een cultureel proces. Het zijn vooral díe processen van toenemende politieke en culturele invloed van China die tot massale protesten hebben geleid en leiden. Waren die protesten aanvankelijk succesvol, bijvoorbeeld in 2003 tegen de invoering van een aantal noodverordeningen, de latere protesten waren dat veel minder. In 2012 waren er protesten tegen de verplichte invoering van de vakken Chinese taal – Mandarijn – en cultuur en ook de maandenlange bezetting van het zakencentrum van de stad in 2014 konden niet verhinderen dat de greep van China op de gang van zaken in Hong Kong steeds zichtbaarder en voelbaarder wordt.

Het gemeentelijk bestuur was al een slechts gedeeltelijk rechtstreeks gekozen college, algemene vrije verkiezingen voor de burgemeester zijn absoluut uit den boze. De nieuwe burgemeester werd, afgelopen maart, gekozen door een kiesraad van 1200 leden, aangewezen vanuit verschillende beroeps- en belangengroepen, onder hen ook enkele kerkleiders. Er kon worden gekozen uit drie kandidaten die waren goedgekeurd door Beijing en de voorkeurskandidaat werd de winnares.

De verhoudingen in de gemeenteraad waren na de verkiezingen vorig jaar september enigszins opgeschoven naar de pro-democracy oppositie (30 van de 70 zetels), maar met de pro-establishment (of pro-Beijing) raadsleden in de meerderheid. De betrekkelijke overwinning van de oppositie bleek van korte duur. Toen de nieuwe gemeenteraad werd geïnstalleerd, legde verschillende nieuwe leden namens de pro-democracy partijen hun eed af op een manier die uiteindelijk door Beijing werd uitgelegd als belediging van het moederland. Twee van hen werden met onmiddellijke ingang gediskwalificeerd en afgezet.

Gisteren keurde de rechter nog eens vier eedafleggingen af, waardoor nu in totaal zes oppositiezetels leeg blijven. De kop op de voorpagina van onze krant van vandaag citeerde de gemeentelijke oppositie die sprak van een ‘oorlogsverklaring’ aan de democratie.

Zal dit de toon zijn waarop Hong Kong de komende twintig jaar ingaat?

Hong Kong, 15 juli 2017,

Tjeerd de Boer en Kathleen Ferrier