25 jaar na Rwandese genocide: hoe genees je diepe wonden?

Persoonlijk verhaal

dinsdag 26 maart 2019Mogen daders bij de dodenherdenking zijn? Zeventig jaar na de Tweede Wereldoorlog is dat nog een heikel punt in Nederland. Laat staan in Rwanda, waar bijna 1 miljoen Rwandezen 25 jaar geleden werden vermoord door hun eigen buren. Justin Hakizimana verloor toen 3 kinderen.

260.000 slachtoffers in herdenkingscentrum

In het Genocide Herdenkingscentrum in de Rwandese hoofdstad Kigali liggen vitrines vol schedels en botten, maar ook vol foto’s en kleding. In dit museum kregen bijna 260 duizend slachtoffers een laatste rustplaats. “Drie van mijn vier kinderen liggen begraven bij dit herdenkingscentrum”, vertelt Justin Hakizimana. Hij is bij de Presbyteriaanse Kerk van Rwanda nu adviseur van de Commissie voor Eenheid en Verzoening, opgericht in 2000.

Mensen wantrouwden elkaar

Justin Hakizimana vertelt: “Na de genocide van 1994 waren alle Rwandezen getraumatiseerd, getekend door verdriet en gemis óf door schuld. Elke vrijlating van een veroordeelde dader zorgde voor grote onrust. Mensen wantrouwden elkaar. Die spanning bleek slopend. Veel mensen wilden niet meer naar de kerk. Stel je voor dat je naast een dader zou zitten of een familielid daarvan! Daar voel je je heel ongemakkelijk bij. Er was geen eenheid meer onder de bevolking, ook niet onder christenen.”

Voorkomen dat het ooit weer gebeurt

De Presbyteriaanse Kerk moest iets doen. Ze begon met trainingen aan predikanten en ouderlingen. Zij leerden hoe ze gemeenteleden konden helpen met traumaverwerking, en hoe ze een boodschap van verzoening konden preken in de kerk. Hoe ze de gemeente weer één konden maken. Ook stonden ze stil bij de oorzaken. “Alleen wie begrijpt hoe het allemaal begon, kan helpen voorkomen dat het ooit weer gebeurt.” vertelt Justin. “De kerk bracht hier brochures over uit en organiseerde activiteiten om verzoening bij iedereen op de agenda te krijgen.”

Slachtoffers en daders

In Rwanda is het verboden om de genocide te ontkennen. De regering stimuleert iedereen om erover te praten. Op scholen leren kinderen wat er gebeurd is. “Het is inmiddels normaal om erover te praten”, zegt Justin. “En dat moet ook. We mogen het niet vergeten.” Belangrijk is volgens hem dat daarbij óók aandacht is voor de daders. Eerst waren de herdenkingsbijeenkomsten alleen voor slachtoffers, maar inmiddels zijn ook daders en hun familieleden welkom.

Veel wonden nog te diep

“Er zijn rebellen die nog steeds buiten Rwanda wonen en die willen dat hun ideeën gehoord worden. Zij vormen een bedreiging voor de vrede in ons land. Ook komen er nog steeds daders vrij. Nog lang niet iedereen kan ermee omgaan, dat deze daders weer terugkeren in de samenleving. In onze cultuur is het normaal gesproken zo dat iemand die uit de gevangenis komt, door de samenleving wordt gezien als een nieuw persoon. Hij krijgt dan meestal een nieuwe plek in het dorp. Maar voor veel mensen zijn de wonden nog te diep. Zij zijn nog niet in staat om verder te gaan.”

Daarom is het werk van de verzoeningscommissie nog steeds van groot belang.
Hartelijk dank voor uw steun voor dit werk. Lees meer op: www.kerkinactie.nl/kerk-rwanda.

Bestel gratis het boek Mensen van Hoop - Christenen in Rwanda.

www.kerkinactie.nl maakt gebruik van cookies.
De website van Kerk in Actie gebruikt cookies van Google Analytics om de eigen kwaliteit te verbeteren. Deze gegevens zijn anoniem gemaakt. Soms wordt echter inhoud getoond van Facebook, YouTube of Twitter; deze social media gebruiken hun cookies ook om advertenties te tonen. Lees meer over ons cookiebeleid.